tokio hotel verhaal 2

Startspot.nl

Als startpagina - Bij je favorieten - Eigen startpagina

Dating

» Meer dating!

Aanmelden

Bekijk of de naam nog vrij is en registreer de naam:

.startspot.nl

Overzicht

Poll

Mis je iets in het verhaal? (Als je ja antwoord, wil je dan ff in de shoutbox schrijven wat je mist?)

Bekijk de resultaten

verhalen

verhalen

Hier komen allerlei verhalen die verzonnen zijn door fans. veel plezier!

bladmuziek van TH

bladmuziek van TH

Op deze site staat de bladmuziek van Tokio Hotel en nog een paar andere bands. De muziek is voor verschillende instrumenten geschreven.

Inleiding

Hoi, dit is mijn 2e verhaal die ik op startspot gezet heb. De 1e kan je vinden op http://tokio-hotel-verhaal.startspot.nl maar nu over dit verhaal. Ook hier zitten waargebeurde stukjes in, verzonnen stukken en allerlei andere dingen. Ik heb zo veel mogelijk vanuit de ik-persoon geschreven, maar bij een stukje op het einde kon dat niet, vandaar dat je dan kan denken van hee, daar was ze toch niet meer bij? Maar dat klopt. Anders snap je het niet meer...vandaar dus.. meer heb ik eigenlijk niet te zeggen. Ik hoop heel erg dat jullie het wat vinden. Veel plezier. Dan komt hier de inleiding van het verhaal: Wat te doen als je zo lang als je je kunt herinneren bij een gezin woont, maar je denkt dat je er niet bij hoort. Je ouders negeren je, je hebt geen broers of zussen waar je je verhaal aan kwijt kan, en je beste vriendin is hopeloos verliefd op de populairste jongen uit de klas. Ook al weet ze dat het waarschijnlijk niks word omdat hij altijd heel veel meiden om zich heen heeft.

Deel 1

Ik gooi mijn boekentas op de grond, en ploft op bed neer. “Jee, hadden ze die boeken niet wat lichter kunnen maken. Tegen de tijd dat ik mijn diploma heb voor school loop ik met een kromme rug.” Ik kijk naar een van mijn posters van Tokio Hotel. “Kon ik maar bij jullie zijn, dan had ik tenminste geen moeder of vader die aan mijn kop zeurt of ik mijn huiswerk wel maak.” Dan begin ik maar aan mijn huiswerk, ondertussen heb ik mijn radio zacht aan. Het gekke is dat de meeste mensen zich dan niet kunnen concentreren en alles fout doen als er een radio of tv aanstaat, maar bij mij is het juist zo dat als het stil om me heen is, dat ik me dan juist niet kan concentreren. Jammer alleen dat mijn ouders dat niet snappen. Ineens gaat mijn mobiel. Ik krijg een sms’je van mijn beste vriendin Kimberley: Heej Sasha!! Zullen we weer eens een keer afspreken?? Lijkt me leuk, zeker nu we allebij in een andere klas zitten. En ik heb nog een nieuwtje, maar wil je me please ff bellen, want dit gaat duur worden. XxX Kim Ik ken Kim al vanaf dat ik hier ben komen wonen, en geloof me, dat is niet kort. Ik bel haar maar op, omdat ik me toch verveel. Elke keer hetzelfde verhaal lezen is nou eenmaal ook niet het leukste wat er is. En met geschiedenis sta ik toch een 9. Ik bel Kim dus, na de telefoon 3 keer over hebben laten gaan neemt ze op: “Heey, met Kimberley.” “Hoi Kim, ik las net je sms’je. Wat wilde je zeggen?” “Nou, ik word misschien overgeplaatst naar een andere klas. En ik heb even jouw rooster gecheckt, en we komen weer bij elkaar!”“Yes! Ooh... Bedankt voor het goede nieuws. Had ik wel nodig na zo’n lange, saaie schooldag. Oja, je wilde nog wat afspreken..Wat had je in gedachten?” “Ik weet niet, misschien kunnen we weer eens bij elkaar gaan logeren?”“Jah, lijkt me super. Kom jij dan bij mij? Ik heb een hele zooi met goeie dvd’s.” “Ok, is goed. En wanneer zullen we dan afspreken? In de vakantie?” “Ok, is goed. Maar ik moet hangen, mijn beltegoed is bijna op. Doei.” “Bye bye.” We hangen allebei op. Dan moet ik me helaas toch maar overgeven aan mijn huiswerk tot mijn ouders thuis komen.

Deel 2

Om 6 uur hoor ik dat de deur van het slot wordt gedraaid. Ik zet gauw mijn radio uit, en berg mijn tekening op. Ik vind namelijk dat ik mijn geschiedenis goed genoeg ken. En dus ben ik begonnen aan een tekening van Freiheit 89. Soms ontwerp ik zelf van dat soort dingen. “Hoi!” roep ik naar beneden. Na een tijdje krijg ik een hoi terug. Ik begin vast met mijn tas inpakken. Zo heb ik tenminste voor een paar seconden dat ik mijn radio aan mag. “Heb je je radio aan tijdens het leren? Je weet dat je cijfers er daardoor niet beter worden!” Dat was mijn moeder. Die blijft nog steeds stug volhouden dat het beter voor me is om geen radio, tv of wat dan ook aan te hebben als ik aan het leren ben. “Nee, ik ben mijn tas ik aan het pakken. Daarnet heb ik mijn geschiedenis geleerd. Dat ging goed, dus ik vond het tijd voor een kleine pauze.” Antwoord ik terug. Nou ja, kleine pauze….Meer een grote pauze, ach wat…weet zij veel… Ik ga naar beneden, ik hoor namelijk dat we zo gaan eten. Dan gaat m’n pa altijd uitgebreid zitten praten over hoe druk hij het heeft. Daar kom je echt niet meer tussen. Dan heeft mijn moeder z veel medelijden met hem… ik wil dan het liefste weer naar boven vluchten. Maar deze keer is het anders, mijn vader begint wel over zijn werk maar houd er al gauw mee op. Ik zou niet weten waarom. “Pap? Wat is er? Waarom praat je niet meer over je werk?” vraag ik. “Eh… wat is de datum van vandaag?” Vraagt hij aan mijn moeder terwijl hij me straal negeert. “5 oktober, schat.”Antwoord mijn moeder. Dan kom ik weer met mijn opmerking die uiteraard op de verkeerde timing is: “Schat? Kom op zeg, niet zo slijmen. Anders ga ik wel naar boven…kotsen.”Tja, ik weet het, het was niet echt bepaald aardig, maar toch. Zoiets zeggen ze normaal nooit. “Hou jij je grote mond eens meisje! Zorg jij maar eens dat je goede cijfers haalt!”begint mijn vader. “Oja, ik en geen goede cijfers? Weet je berhaupt wel in welke klas ik zit?” “En nu naar boven! Weg!” “Ja, ja, ik ga maar al te graag.” Ik pak een boterham uit de vriezer en loop naar boven. Als ik op mijn kamer ben doe ik de deur op slot. “Heerlijk… een stel boze ouders en een bevroren boterham als avondeten...” Met tegenzin eet ik de boterham op. Dan ga ik beginnen aan een nieuwe tekening. Eerst zoek ik een mooie foto op van TH, dan print ik hem uit en ga hem natekenen. De tekening lijkt aardig, maar het is nog niet naar mijn zin. Ik probeer het nog eens. Die is beter. Dan doe ik ze allebei in een mapje bij de andere tekeningen.

Deel 3

De laatste tijd gaat het steeds slechter tussen mijn ouders en mij. Ik heb geen broer of zus dus ik kan niet mijn verhaal kwijt. Kimberley zei eens dat ik dan een huisdier moet nemen. Dat helpt bij haar. Zij is ook enigs kind en praat altijd tegen haar kat als ze ergens heel erg mee zit en er niemand in de buurt is. Dus ik heb aan mijn ouders gevraagd of het mocht. Maar je snapt het denk ik al… het mocht niet. Dus nu teken ik alles van me af. Ik ga slapen, het is al laat en morgen moet ik weer naar school. Weer een paar lange uren, met een zware tas. Al snel val ik in slaap. Gelukkig maar. De dag erna op school kom ik Kimberley al snel tegen. Ze kijkt de hele tijd naar een jongen. “Kijk je nou weer naar Ryan? Je snapt toch zelf ook wel dat je weinig kans bij hem maakt?” “Ja, helaas, maar toch blijf ik om een of andere reden hopen dat hij me ooit ziet.” “Die gast heeft zo veel meiden om hem heen hangen dat hij zijn vrienden amper kan spreken, laat staan dat hij jou ziet.” Dan gaat de bel. Voordat de les begint blijft Kim maar vertellen hoe leuk, lief, knap, goed en weet ik veel wat Ryan allemaal is. Hetzelfde geld voor de pauzes. Als ik ’s middags weer thuis kom, is er nog niemand. Over een paar uur komen mijn ouders weer thuis en kunnen we het bekende paps-praat-de-hele-tijd-over-zijn-werk-liedje afgaan. Beter dat dan de ruzie van gisteren. Maar het is weer behoorlijk stil tijdens het eten. Raar. Heel raar. Ik stoor me er verder niet aan en ga naar boven om me om te kleden. Als ik beneden kom hoor ik vaag een gesprek van mijn ouders. Ik vang een paar woorden op: Inpakken…Vannacht….Brand….Verhuizen….Last…. Sasha….Weg. Huh, wat was dat voor een raar verhaal? Ik kijk door het kiertje van de deur. Ik zie dat mijn ouders in aan het pakken zijn. Daar sloeg het verhuizen dus op, en ze wilde het niet aan mij vertellen zodat ze geen last van me zouden hebben. Maar waarom vannacht? En waarom die brand? Voor de zekerheid ga ik maar naar boven, al mijn belangrijke spullen inpakken. De schoolboeken doe ik morgen wel, of vannacht…als dat perse moet. Mijn posters doe ik samen met mijn tekeningen ik een mapje. Anders vergeet ik ze nog! Ik stop een paar kleren in mijn koffer. Mijn favo cd’s en dvd’s, mijn mp3, en nog wat andere zooi. Ik heb geen flauw idee waarom, maar iets zegt me dat dit moet. Dan ga ik weer naar beneden. Het gesprek is opgehouden, en de koffers zijn weg. Mijn ouders zitten samen op de bank. “Ik ga slapen. Tot morgen.” Ik krijg alleen een flauwe doei als antwoord. Nou ja. Heb ik iets verkeerd gedaan ofzo? Ik ga weer naar boven. Morgen is Tokio Hotel in Nederland, en met die gedachte val ik in slaap.

Deel 4

Dan ’s nachts om een uur of 1 hoor ik de deur met een klap dichtslaan. Maar mijn ouders gaan nooit zo vroeg weg! Wat doen ze?! Ik ga gauw het gesprek van gisteren na: Inpakken…Vannacht….Brand….Verhuizen….Last…. Sasha….Weg! Dan ruik ik rook. Hee! Ze gingen inpakken, en vannacht – nu dus - weg, het huis in brand steken, zij zouden verhuizen, en mij hier achter laten, ze hebben dan geen last meer van me, en ik ben…. Weg…. Ik pak mijn koffer die ik gelukkig gisteren al in had gepakt en wil naar de voordeur rennen. Maar ik besef ineens dat ik niet zo de straat op kan, als ik deze brand overleef, lijd ik straks kou. Ik trek gauw een spijkerbroek, een t-shirt en een vest aan en hol met mijn schoenen in mijn handen richting de trap. Maar ik zie bijna niks. Al die rook. Alles begint te duizelen. Ik zet nog een paar stappen. En dan… is er niks… Nou ja, heel even dan. Het lijkt een droom, meer een nachtmerrie, ik zie mezelf liggen en ik zweef hier…eh..ergens boven mijn lichaam. Ik kan niets doen! Dan hoor ik een bus stoppen. Een bekende stem hoor ik. Alles raast door mijn gedachten, ik kan het maar niet plaatsen. “Is daar iemand binnen!?”hoor ik de persoon roepen boven het geknetter van het vuur. “Mijn moeder antwoord met een snikkende ja, maar wel zo hard dat ik hem hoor. Nog steeds in een droom. Wie is nou die stem? “Ik ga haar halen!” “Nee! Broertje, ik wil je niet kwijt!”Hoor ik een andere stem zeggen. “Jawel, ik ga.” En weg is de stem. Ik hoor veel gehoest en kijk nog steeds op mijn lichaam neer. Ik heb pas nog over zoiets gelezen. Het is een bijna dood ervaring. Maar dat betekent dat ik nog leef! Dan zie ik iemand de trap op komen, hij heeft een zakdoek voor zijn mond, met veel gehoest komt hij naar me toe…BILL!! Bill Kaulitz komt mijn leven redden! En de persoon die ik daarnet hoorde of hij asjeblieft wilde blijven was natuurlijk Tom, hij is vast heel erg ongerust. Ik zie hoe hij mij optilt en mij en mijn koffer mee neemt naar de deur. Dan word alles weer zwart.

Deel 5

Ik geloof dat ik mezelf weer ben. Of zoiets. Ik ben geloof ik nog steeds niet bij mijn positieven. Ik voel hoe gedragen word, door mijn favoriete zanger. Ik hoor ook de gesprekken: “Leeft ze nog?” Dat is Tom. “Ja, ik voel haar ademhaling. En ik geloof dat deze koffer nogal belangrijk is. Ze had hem namelijk stevig in haar handen geklemd.” Bill dus. Dan hoor ik iets van Gustav waar ik wel van schrok. “Ik geloof dat de mensen die hier stonden haar ouders waren. Ik vond het wel heel erg raar dat het die man weinig leek te schelen wat er met zijn dochter gebeurde. Maar ze zijn nu weg.” Wt!? Ik ben in de steek gelaten door mijn ouders! Dat…dat kan niet! Nee! Het liefst zou ik het willen uitschreeuwen. Maar dat gaat niet. Later word ik wakker, in een bus – ik denk de tourbus van Tokio Hotel -, tegen Bill aan. Hij kijkt even, dan vraagt hij: “Gaat het?” “Ja, op een flinke koppijn na wel. Maar wat is er daarnet gebeurd?” Ik zag Bill twijfelend naar de rest kijken, toen zei hij: “Dat weten we niet, maar het lijkt erop dat je ouders weg zijn.” Hij kijkt heel droevig. Echt serieus droevig, niet van ik doe even alsof zodat ze ziet dat ik medelijden heb droevig. Maar echt zielig. Dan huil ik. Ik heb geen idee waarom, ik ben mijn ouders kwijt en ik zit bij TH. Dat wilde ik toch? Eigen schuld. Moet je maar opletten met wat je zegt. Trut! Maar nog steeds is de vraag: waarom hebben mijn ouders het huis in brand gestoken? Anders is het wel heel knap dat ze vooraf al weten wat er gaat gebeuren. Maar, wat is er nu met het huis? Is het helemaal platgebrand? Is het overgeslagen? Zijn er meer gewonden? En waarom kwam Bill mij helpen? Die vragen stel ik dus ook aan Bill. “Tja, ik heb geen idee waarom je ouders het huis in brand zouden steken. Het het huis is voor een groot deel afgebrand, en een beetje overgeslagen naar de buren. Er zijn geen gewonden, maar iedereen is wel erg geschrokken. En waarom ik je kwam helpen? Ik ga toch niet zomaar iemand af laten branden.” Dat was Bill’s antwoord. Hij ging dus tegen de wil van zijn broer in omdat hij niet wilde dat er iemand geroosterd werd. Wauw. Dit zal je maar overkomen. Nouja, liever niet natuurlijk. Maar toch. Waarom? “Je mag wel gaan slapen hoor.” Zegt Bill. “Kom maar tegen me aan liggen.” Dat doe ik en al gauw val ik in een diepe slaap. Helaas eindigt de mooie droom als een nachtmerrie en schrik ik wakker. We zijn bij een hotel aangekomen. Daar verblijven de jongens voorlopig. Dan komt Bill aangelopen. “Hoi, heb je lekker geslapen?” “Ja, redelijk, je was een goed kussen.” “Terwijl jij lag te slapen hebben we met zijn vieren afgesproken dat je voor zolang het duurt bij ons mag blijven. Als je dat zou willen, h.” “Graag.” Ik zou niet weten waar ik anders heen zou moeten dus dit is de enige keuze die ik heb. En die enige keuze vind ik zo erg nog niet. Ik pak mijn koffer die ik voor de brand ingepakt had op, en loop met Bill mee naar het hotel. Daar zijn Georg en Tom druk bezig met tafeltennissen. Gustav kijkt toe en geeft af en toe wat commentaar. Bill en ik gaan naar een andere kamer. Onderweg vraag ik hem: “Hoe zit het eigenlijk met de slaapplaatsen? Ik bedoel, jullie hadden niet op me gerekend.” Waarop Bill antwoordt: “Maak je maar geen zorgen, ik heb een groot bed, en als je dat niet wilt is er altijd een extra kamer met een bed, een kast en eigenlijk alle spullen die je nodig hebt. Dus je mag kiezen, of een eigen kamer, of lekker bij mij in bed kruipen.” Die keuze had ik natuurlijk al snel gemaakt. “Ik kom wel lekker bij jou in bed kruipen. Maar ik heb nog geen pyjama of tandenborstel.” “Maak je geen zorgen, er is hier vast wel ergens een winkeltje met een pyjama en een tandenborstel.” “Ok.”

Deel 6

Met z’n vijven gaan we naar het Stadshart, dat is een winkelcentrum in de buurt van het hotel. Lekker handig dus. Hier kom ik wel vaker dus ik weet de weg. Als eerste gaan we naar de Hema. Ik verwacht wel dat daar een pyama ligt. Als we onderweg zijn vraagt Bill aan mij of ik mijn make-up en sieraden nog heb. “Nee, die lagen nog in het huis.” “Ok, mooie tijd om te kopen, vind je niet?” “Maar ik heb maar 10 euro bij me. En ik denk dat wanneer jij me meeneemt dat ik aardig wat geld tekort kom.” “Daar verzinnen we wel wat op.” Dan komen we bij de Hema aan. Niet zo’n hele dure winkel en verkoopt van alles en nog wat. Maar goed ook, want die 10 euro moet ik goed besteden.” We lopen de Hema in, aan het begin staat make-up. “Eens kijken of er iets leuks voor jouw tussen ziet.” Bill kijkt wat er staat. “Is dit alles? In Duitsland zijn er veel meer van die merken. Dit is hartstikke goedkoop, die moet je niet nemen.” Toch geeft hij niet op en gaat verder zoeken. Naast de Hema zit een lingerie zaakje. Ik zie Tom naar buiten kijken, naar alle meisjes die de winkel in en uit lopen. “Ga maar, ik denk dat je je hier alleen maar verveeld.” “Huh... oh… eh… nee hoor, ik kom eraan. Met z’n vieren lopen we verder de Hema in. “Gustav, wat zoek je?” vraag ik. “Hebben ze hier ook sportspullen of zoiets? Ik kan wel weer iets nieuws gebruiken, en nu we hier toch zijn…”“Ja,ja ik snap het al… als je deze straat uit loopt kom je vanzelf bij de Perry Sport. Daar vind je vast wel iets.” “Eh, Gustav, ik ga met je mee. Misschien kom ik ook nog wel wat tegen. Of zoiets.” En Georg loopt achter Gustav aan naar de Perry Sport. “Spreken we om 2 uur op het plein hiervoor af?”Roep ik ze na. “Is goed.” Dan lopen Tom en ik nog even verder, en we kopen een pyjama en een tandenborstel. Dan komen we Bill weer tegen die de moed op heeft gegeven bij de make-up. “Sorry, ik kon niks voor je vinden.” “Maakt niet uit joh, we lopen vast nog wel ergens tegenaan.” Als we de winkel uitlopen zegt Bill: “Hmm…wat ruik ik? Is dat ook zo’n Ici Paris winkeltje? Die hebben we in Duitsland ook. Misschien vinden we er iets voor je.” “Maar Bill, die winkel is mega duur, en ik heb al niet zo veel geld bij me!”“Maakt niet uit joh, ik koop het wel voor je.” We lopen dus naar de Ici Paris. Tom kijkt de hele tijd achterom. “Ik, eh, ik ga even daarheen.” Zegt hij. En hij wandelt heel nonchalant naar het lingeriewinkeltje waar allemaal meisjes in en uitkomen. Hij gaat bij de ingang staan en gluurt naar alle meisjes. Ik geef Bill een duwtje: “Je broer heeft het weer voor elkaar.” Bill kijkt over zijn schouder en er verschijnt een lach op zijn gezicht.

Deel 7

We lopen langs alle make-up. Bill zoekt wat voor me uit, dat vind ik niet erg. Ik koop normaal de goedkoopste, maar hij kiest de duurste. Op zich best grappig. Dan komt hij aangelopen met zwarte oogschaduw. “Mijn god, dat draag ik normaal nooit!”“Ik weet zeker dat het je goed staat. Probeer het maar eens uit.” Dat doe ik. Zo erg is het niet, eigenlijk staat het wel goed, al zeg ik het zelf. “Laat eens kijken, staat goed. Die nemen we.” Ik poets de oogschaduw weer van m’n ogen en dan gaan we afrekenen. Helaas was het meisje bij de kassa hier niet op voorberijd. “M…Maar jij… jij bent toch Bill Kaulitz?”“Ja, dat ben ik. We zijn even hier in Nederland voor een concert.”“J…Ja, dat weet ik, daar ga ik ook heen. Het gaat heel gaaf worden.” We rekenen af en gaan naar buiten. “Ik dacht dat ze flauw zou gaan vallen.”“Nee joh, zo reageren heel veel fans. Als ze flauw zou vallen zou ze er veel en veel bleker uitzien. Geloof me maar.” “Het is al bijna 2 uur. We moeten zo terug. ”“Ja, ja, nog even dit winkeltje in.” We lopen deze keer de H&M in. Bill zoekt het wel uit vandaag zeg. “Zie je hier iets tussen hangen wat je leuk vind? Je hebt nou eenmaal niet meer zo veel kleren, en we weten niet hoelang je nog bij ons wilt blijven.”“Dat is waar.” Ik kijk rond. Dan zie ik een leuk zwart T-shirtje, alleen is de prijs wat minder leuk. “Vind je die leuk? Pas hem eens, daar zijn kleedhokjes.” “Maar hij is wel erg duur hoor.” “Maakt niet uit. Ga nou maar, die krijg je wel van mij, ondertussen zoek ik wel verder. Geef je een gil als je klaar bent?” En met die woorden verdwijnt hij verder de winkel in. Ok, dan zit er maar een ding op. Passen! Als ik na een paar keer het kleedhokje in en uitlopen op mijn horloge kijk is het al half 3! “Shit! Bill! We moeten opschieten, het is al half 3!” “Scheie! Kom we gaan gauw afrekenen!” Ondertussen hebben we al heel veel spullen verzameld. Voornamelijk zwart. Van mijn ouders, die me nu in de steek hebben gelaten, mocht ik nooit zwart aan. Nu heb ik een stuk meer vrijheid. We lopen snel naar de kassa, rekenen af en gaan gauw naar het pleintje waar we hebben afgesproken met Tom, Gustav en Georg. Daar zitten ze, met z’n drien op een terrasje met een glas cola. “Beetje laat geworden? Ik zie in ieder geval dat jullie het naar jullie zin hebben gehad.” Lacht Tom. “Zeker. En heb jij het ook gezellig gehad met je meisjes.” Tom kijkt blozend de andere kant op. “En hoe staat het met jullie?”Vraagt Bill aan Gustav. “Hebben jullie nog wat gezien. Of liet Geog je weer verdwalen Guus?” “Nee, nee, deze keer niet. We hebben wat gekeken bij die Perry Sport waar Sasha het over had, en later liepen we tegen een muziekwinkeltje aan. Ik heb er nieuwe drumstokken gekocht. En we hebben ook nog wat voor jou Bill.” Bill kijkt verrast op. “Voor mij?” “Ja.” En Georg geeft Bill een microfoon. Daar zitten allemaal zwarte steentjes op. “Wauw, dank je. Die is gaaf! En mooi.” Bill is helemaal happy.

Deel 8

Dan gaan we naar de Arena. Daar gaat Tokio Hotel namelijk optreden. Het podium is al helemaal opgebouwd en er staan nu op een aantal plaatsen dranghekken. Nu ziet het er nog heel erg leeg uit. “Hoeveel mensen komen er straks in deze zaal?” Vraagt Bill aan een van de bewakingsmannen. “150 duizend. Het is helemaal uitverkocht binnen 2 uur.”“Wow! Nooit geweten dat er zoveel fans zijn in Nederland!” Zegt Tom. “Kan ik gelijk mijn nieuwe microfoon gelijk uitproberen.”“Dus je bent nog steeds blij met je micro.” Lacht Gustav. Dan gaan we met z’n vijven backstage. “Kom eens.” Zegt Bill. “Ik? Hoezo?”“Gewoon…kom nou maar.” Ik loop met Bill mee. “Kan jij goed zingen?” vraagt hij. “Nou, ik zelf vind dat nogal tegenvallen, maar onze muziek docent dat ik heel goed kan zingen, maar dat ik alleen nog te verlegen ben.” We staan op het podium en kijken uit over het stuk waar straks alle fans komen te staan. “Zou je het misschien leuk vinden om morgen Schrei mee te zingen?”“Ik? Voor al die gillende fans? Grapje zeker?” “Ik houd best van grapjes, maar deze keer is het geen grapje. Het was gewoon een vraagje.” “Nou ja, het is wel heel erg gaaf. Maar ik ben er denk ik te verlegen voor.” “Zeker weten?”“Nou…Ok! Ik doe het. Als jij me tips geeft hoe ik niet zo zenuwachtig word.”“Deal! Ok, je laat je gewoon helemaal meegaan met de muziek. Bij mij is het gewoon zo dat wanneer ik op het podium sta, ik mezelf niet meer ben. Als het afgelopen is denk pas, wauw, dat was gaaf.”“Maar als je naar al die mensen kijkt, krijg je dan niet de bibbers. Ik heb dat namelijk al met mijn klas van 28 mensen, laat staan met een kudde fans van 150 duizend mensen.”“Dat is gewoon een kwestie van vaak optreden, vroeger vond ik het al eng om voor 5 mensen op te treden, en kijk eens waar we morgen voor moeten optreden. Dat zijn er wel een paar meer.”“Je hebt gelijk.” Ik kijk een tijdje diep in Bill’s ogen. Wauw, echt wel gaaf, ik heb wat aan m’n ouders te danken zeg. “Kom je, we gaan de rest opzoeken.” Bill slaat zijn arm om me heen en we lopen samen naar de anderen.

Deel 9

Later die avond geeft Bill mij even een rondleiding waar iedereen slaapt, waar de douche is, en al die soort dingen. Als we weer in onze kamer zijn vraagt hij: “Wat heb je eigenlijk allemaal meegenomen? In je koffer bedoel ik. Toen je hem zo stevig vast hield werd ik wel nieuwsgierig, maar ik dacht: tja, misschien is het wel priv.”“Oh. Zo priv is het niet hoor.” Ik pak de koffer en doe hem open. Ik bedenk me ineens dat ik voornamelijk Tokio Hotel spullen heb meegenomen. Oeps. Bill ziet het mapje met de tekeningen liggen. “Mag ik ze eens kijken?”“Ja hoor.” Zeg ik blozend. Bill kijkt naar alle tekeningen. “Wauw, jij hebt echt wel talent. Hoe doe je dat? Al die teksten zo met die sierlijke letters. Oh, deze is grappig van Tom. Hij lijkt precies.” Bill amuseert zich. Ik zit tegen hem aan en kijk met hem mee. “Eens kijken wat er verder nog voor verrassingen zitten in de o zo geheime priv koffer.”Zeg ik. Ik haal er een paar T-shirts uit met een Tokio Hotel opdruk. Dan komt mijn mp3 en daarna de cd’s en dvd’s. “Hee, die dvd’s heb ik nooit kunnen zien. Ik wil wel eens weten hoe dat eruit ziet vanuit de zaal. En die cd’s, die heb ik ook nooit echt kunnen horen, alleen toen ik het zelf inzong in de studio. Maar dat klinkt altijd anders dan op de cd zelf. Zullen we vanavond die dvd’s kijken?” Stelt Bill voor. “Ok, lijkt me leuk, en misschien vinden Tom, Gustav en Georg het ook wel leuk om hun zelf te zien optreden.” Die avond gaan we dus de dvd’s kijken. Georg heeft een bak met zoute popcorn gemaakt, en Gustav heeft 5 glazen cola ingeschonken. We beginnen met de dvd Leb’ die Sekunde behind the sinces. “Oh, wat zag ik er bij Devillish anders uit, en Tom, die dreads! Hahaha.. Nu zit het allemaal een stuk beter.”Zegt Bill. “Nee, die optredens dan. Bill, jee, wat klink jij daar grappig met dat kinderstemmetje, die kan je nu niet meer nadoen he. Ik kan het nog wel drummen.” Plaagt Gustav hem terug. Bill probeert zo raar mogelijk zichzelf na te doen zoals op de dvd. Hij houdt een pluk haar voor zijn gezicht en gaat heel hoog zingen. We liggen met zijn allen in een deuk. Het is zo raar om hem zo te zien doen, bij fotoshootings zien ze er zo serieus uit, maar hier gaat het er totaal anders aan toe. Dan komt Schrei-live. “Dat was echt een gaaf optreden! Die zou ik zo over willen doen.”Zegt Georg. Dan volgen nog de DVD’s Spring nicht en Zimmer 483 live. Als Zimmer 483 live afgelopen is, is het al laat. “Kom, we gaan pitten. Morgen lekker uitslapen en dan weer laat naar bed.”stelt Bill voor. “Dat had je gedroomd,Bill. Vandaag laat slapen, morgen vroeg op, en daarna weer laat naar bed.” Merkt Gustav op. “Meer reden om nu te gaan slapen. Kom.” Als ik in bed lig komt Bill erbij. Hij trekt de deken over zich heen en draait zich om. Met zijn gezicht naar die mij. Hij gaat tegen me aan liggen. “Dat vind je niet je hopelijk niet erg toch? Ik heb het koud, en jij bent mijn kacheltje.” Hij geeft me een kus op mijn haar. Ik ga een beetje met zijn haar spelen. Maar na een tijdje val ik in slaap. In zijn armen.

Deel 10

Als ik wakker word is het nog vroeg. 6 uur geloof ik. In ieder geval ligt iedereen nog te slapen. Of toch niet? Ik loop naar beneden, en daar zit Gustav. “Hoi Guus.” “Hoi hoi.” “Lekker geslapen na die DVD’s?” “Ja hoor, je hebt me alleen wel zenuwen bezorgd. Maar dat hoort erbij voor vanmiddag. Jij komt vooraan staan toch?” “Klopt.” “Enne…Heb jij ook nog lekker geslapen?” “Heerlijk. Geloof me.” “Met alle genoegen. Toen ik vannacht naar de wc moest zag ik dat jullie deur nog een beetje open stond, jullie zagen er samen zo lief uit.” Gustav geeft me een speels portje. “Je moet ons niet zo sneaky bespieden!” “En waarom dan niet?” “Nou, nou, dat weet ik eigenlijk niet. Maar het zal vast wel een goede reden hebben.” “Ik heb het idee dat Bill jou wel leuk vind.” “Echt? Mij? Hoezo dat dan?” “Merk je niet hoe aardig hij tegen je doet? Hij geeft je constant complimentjes, je krijgt allemaal spullen van hem, en hij heeft een en al oog voor jou! Het is toch overduidelijk?”“Tja, misschien heb je wel gelijk. Denk je dat echt?” “Ja, ik denk het wel. Maar ik ga nu mijn bed weer in. Misschien is dat ook wel handig voor jou, het word vanavond weer laat.”“Ok, trusten.” “Welterusten en tot zo.” We gaan allebei weer naar bed. Ik kruip weer bij Bill in bed. Ik weet zeker dat hij wakker is geworden, want hij sloeg gelijk weer zijn arm om me heen. Ik kon Freiheit 89 nu heel goed zien. Ik zou bijna mijn tekenblok hebben gepakt en hem nagetekend hebben. Dan val ik weer in slaap. Als ik wakker word hoor ik Bill en Tom in Tom’s kamer hiernaast praten. Ze praten niet zo hard, maar het zijn gewoon super dunne muren. Ik let niet zo op wat ze te vertellen hebben. Totdat ik mijn naam een paar keer hoor. Ik luister een beetje met een half oor mee. “Vertel haar nou dat je haar leuk vind.” “Maar ik wil het niet overhaasten. Misschien kan het niet zo blijven, we moeten nou eenmaal veel reizen enzo, en zij woont in Nederland, en wij in Duitsland. Dat houden we nooit lang vol.” “Ik zou het doen, ik weet zeker dat ze jou ook te gek vind.” “Maar jij bent mij niet en ik ben jou niet.” “Maar toch zou ik het doen. Als jullie echt van elkaar houden, dan komt het goed.”“Ik zie wel hoe ik het ga doen.” “Goedzo.” “Ga nou maar weer naar haar toe.” “Ok, ok, doei”“Doei.” Ik hoor dat Bill weer deze kant op komt. Ik doe gauw alsof ik slaap. Maar binnen in mij bonst mijn hart in mijn keel! Hij vindt mij ook leuk! Ik voel hoe hij naast me komt zitten. “Sas, wordt jij ook zo wakker?” “Huh… ja… ik kom al.” Ik ga me douchen en dan gaan we aan het ontbijt. Het is behoorlijk stil, daarom zet Georg de radio aan. Na een paar minuten wordt Tokio Hotel gedraaid met Ready, Set, Go. “Scheie, nu word ik nog zenuwachtiger.” Zegt Tom. “Het gaat straks vast goed.” Ok, dit kan ik wel fijn zeggen, maar hoe weet ik nou wat zij voelen? Zij zijn gewend om voor honderden mensen op te treden, ik niet…

Deel 11

“Kom op mensen, we moeten weg.” Roept Gustav na een tijdje. “Waar gaan we heen?”Vraag ik aan Bill. “Naar de Arena.” “Maar het concert is vanavond pas.” “Klopt, maar we doen altijd even een soundcheck. En we kijken even of het licht goed is enzo.” “Oh. Duurt dat lang?” “Mwah, licht eraan h. Als de mensen van de techniek zich goed hebben voorbereid duurt het hooguit een paar minuten.” “Ok. Mag ik mee? Ik wil wel weten hoe het is om zoiets te doen.” “Ok, vooruit dan. Opschieten, we moeten zo weg.” “Ik ben al bezig.” Snel doe ik mijn haar in een staart, en mijn make-up op. Terwijl ik bezig ben komt Bill de badkamer binnen. Dan staan we samen voor de spiegel te dringen met de make-up. “Hee, pas op Bill! Straks schiet ik nog uit!” “Maakt niet uit joh, dan kan je toch gewoon proberen een nieuwe trend te zetten?”“Oja, ga jij dan met een uitgeschoten gezicht naar dat concert.”“Dag! Dan sta ik morgen met allemaal rare foto’s in alle roddelbladen van Europa.” Als we klaar zijn zitten Tom, Gustav en Georg al in de bus. “H,h, eindelijk, ik dacht dat je nooit zou komen broertje. Was het gezellig met z’n tween?” “Ha, ha, erg grappig hoor. Maar we hadden het inderdaad gezellig, toch Sasha?” Bill kijkt diep in mijn ogen. Ik voel dat ik rood word en kan alleen maar ja knikken. “We hadden het inderdaad gezellig, ja.” In de bus doet iedereen zijn ding. Ik heb mijn tekenspullen meegenomen, dat komt altijd van pas. Bill en Tom zitten weer eens te discussiren over van alles en nog wat. Georg zit een boek te lezen, en Gustav ‘drumt’ in de lucht mee op zijn muziek. Daar moet je nog voor oppassen ook, voor je het weet heb je een drumstok in je oog. Ik zit naast Bill, en kan goed Freiheit 89 zien. Dit vind ik dus ook d kans om hem eindelijk goed na te tekenen. Dat doe ik dus ook. Helaas maakt Bill nogal veel handgebaren. Na een tijdje pak ik zijn arm. “Zo, en nu hou je hem even voor een paar tellen stil.” Bill kijkt om. Ik ben bijna klaar met de tekening. “Wow, heb je die net gemaakt?” “Ja, hij is goed gelukt vind ik zelf.” Tom wordt nieuwsgierig waar we het over hebben, hij kan de tekening niet zien doordat ik hem op mijn schoot heb liggen, en Bill zit ervoor. “Wat is er, wat is er zo mooi gelukt? Laat eens zien.” Bill geeft de tekening aan Tom. “Wauw, die is echt mooi. Hoe doe je dat?” “Eh, gewoon heel goed kijken, en er rustig voor gaan zitten. En dan proberen na te tekenen.” “Mooi man. Eh, sorry, Sas.” “Dank je.” Na een uur rijden zijn we eindelijk aangekomen bij de Arena. “Nou Bill, kan je eindelijk je micro goed uitproberen.” Tom geeft hem een speels duwtje. In de zaal zijn de lampen uit en er schijnt alleen licht op het podium. Dan komt er een man naar ons toe, hij is een van de mensen van de techniek. “Willen jullie even op het podium gaan staan. Dan moet je het zeggen wanneer het licht te veel in je ogen schijnt. We kunnen ook gelijk checken of jullie goed te zien zijn.” Dat doen de jongens dan ook. Gustav gaat achter zijn drumstel zitten, hij hoeft toch niet naar een andere plek te wandelen. Bill, Tom en Georg gaan ook op het podium staan. Ze lopen een beetje rond zodat de jongens weten tot waar het podium loopt. Want als je aan het spelen bent heb je van die momenten dat je daar niet op let. Ik ga in het publiek staan. “Hee, Sas, zie je ons goed?” zegt Bill door zijn nieuwe microfoon. “Hahaha…ja, prima. Maar weet je wat ik me nou altijd al heb afgevraagd? Kunnen jullie mij ook zien?” “Als je daar staat waar je nu staat wel ja, maar als je ongeveer 4 rijen naar achteren gaat staan dan zien we je niet meer.”“Ok.” Ik loop een paar rijen naar achteren. “Ra, ra, waar ben ik nou.” “Tja, dat zien we niet h.” “Doe eens een gokje.” “Ik weet het niet… aan de linkerkant?” “Nee, suffie, ik sta voor je neus, maar dan net dat je me niet ziet. Wacht even…” Ik loop een andere richting op. “…Waar ben ik nu?” Dan loop ik heel sneaky het podium op in de schaduw, dat komt mooi uit want ik ben in het zwart gekleed. “Eh, naast het podium?” Dan loop ik richting Bill, ik gebaar naar Tom, Gustav en Georg dat ze niks moeten zeggen. “Nee hoor, ik sta achter je.” En ik sla mijn armen om hem heen. “Hahaha… grappig hoor, mij voor de gek houden, wacht maar, ik pak je nog wel terug.”“Je doet maar.”

Deel 12

We gaan weer van het podium af. “Zullen we vast een beetje rondkijken?” Stelt Tom voor. “Ja, is goed. Ik heb geen zin om de hele avond op zoek te zijn naar het podium of de kleedkamer.” Stemt Gustav in. Georg vindt het ook goed en gaat mee. “Ik kom er zo aan.” Zegt Bill. “Kom je even mee naar de kleedkamer? Ik heb iets voor je.” “Ok. Je maakt me wel nieuwsgierig Bill.” Met zijn tween lopen we naar de kleedkamer van Tokio Hotel. Aan de kast hangt een zwart truitje met een zilveren opdruk. En een gave broek met kettingen eraan. Bill pakt de kleren. “Asjeblieft, voor jou. Ik zou het echt te gek vinden als je deze vanavond aandoet.” “Wauw, Bill, wat mooi. Ik ga ze gelijk aantrekken.” Ik kleed me gauw om in de badkamer terwijl Bill wacht. Ik kijk in de spiegel, echt gaaf. Ik loop naar Bill toe en draai een paar rondjes. “Echt super Bill. Hartstikke mooi. Zeker weten dat ik dit vanavond aan heb.” “Het staat je nog beter dan ik had verwacht. En ik ben blij dat ik je er een plezier mee heb gedaan.” Dan geeft hij me een kus, niet op mijn wang, maar op mijn mond. Ik voel hoe zijn lippen de mijne raken. Dit is echt de mooiste tijd van mijn leven. Dan komt Tom binnen, hij ziet ons staan en zegt: “Oeps, verkeerde adres, ik ben… euh…daar…ergens, of zoiets.” En hij is weer verdwenen. Een paar minuten blijven we tegen elkaar staan. “Betekent dit dat jij mij net zo leuk vind als ik jou vind?” Vraagt Bill. “Ja, zeker.” Dan lopen we samen naar de andere tokio-boys toe. “Ziet er goed uit Sasha. En deze keer ben ik er zeker van dat jullie het naar je zin hebben gehad. Ik heb het zelf gezien.” Zegt Tom met een big smile op zijn gezicht. “We hadden het inderdaad hl erg naar onze zin. En hoe zit het met jou? Niet stiekem Sasha inpikken h.” “Nee hoor, ik heb fans genoeg.”“Mooi. Houden zo.” “Ik ga alvast uitzoeken wat ik vanavond aan ga doen, ok?” En Bill loopt naar zijn slaapkamer toe. Als hij weer terug komt is Tom weg. “Waar is Tom heen?” “Oh, die is naar het toilet. Even een grote boodschap doen.” “Ok.” Na een paar minuten komt Tom weer binnen. “Zo, dat duurde lang, was je de weg kwijt?”vraagt Bill. “O, duurde het echt zo lang? Ik liep inderdaad eerst verkeerd, maar ik ben er weer.” “Gelukkig maar, anders zou ik zonder broer door het leven moeten, en daar heb ik dus even geen zin in.” Later die middag gaat iedereen zich omkleden. Na een tijdje zitten we met zijn vieren voor de tv. Tom, Gustav, Georg en ik. Bill is nog bezig met omkleden, dacht ik dus. Maar dan horen we een schreeuw: “TOM KAULITZ!!!! WAAR HEB JE MIJN KLEREN GELATEN?!” “Waarom ik?!” “Omdat jij de enige bent wie ik een tijdje niet heb gezien: nadat ik mijn kleren had klaargelegd bijvoorbeeld!”“Ga maar zoeken, je vindt ze vanzelf wel.” “Kom op Tom, ga je broertje eens helpen zoeken.”zeg ik. “Of geef hem anders een hint.” “Nee, hij vindt ze wel.” Dan komt Bill de kamer instormen. “Hoi broertje, heb je je kleren al gevonden?” Vraagt Tom plagend. “Waar heb je ze gelaten?” Dan neemt Bill een sprint richting Tom, die ondertussen op de vlucht geslagen is. Dit is erg grappig om te zien, ik hol er dus achteraan. Op de gang staat de manager van Tokio Hotel met iemand te praten die hier bij de Arena werkt, ik geloof dat het zo’n mannetje is van de bewaking. Tom rent erop af en duwt de twee opzij. “Hee, Tom! Wat doe je?” roept de manager. Dan komt Bill aangehold. De manager krijgt een deel van Bill’s natte haar in zijn gezicht geslagen. “Auw, hee, wat doe jij in Tom’s kleren? Kom terug! Nu meteen!” Dan kom ik: “Sorry, we komen zo.” Zo rennen we het hele gebouw door, alles en iedereen word opzij geduwd of moet opzij springen. Na een tijdje komen we bij een stuk waar je moet kiezen welke kant je opgaat. Links of rechts. Tom racet naar rechts met Bill op zijn hielen. Dan komt er nog een bocht, Tom heeft deze te laat in de gaten en botst bijna tegen de muur, maar kan nog net op tijd de hoek om gaan. Hierdoor heeft hij een beetje vaart verminderd. Dan komen we bij de nooduitgang. De deur door is de enige mogelijkheid. Tom kan geen kant meer op. “Hebbes! Eindelijk heb ik je. Zo, waar zijn mijn kleren nou?” Hijgt Bill die Tom stevig vast heeft. Tom moet eerst even uithijgen voordat hij iets kan zeggen. “Weet…weet je zeker dat… dat je overal hebt gezocht?” “Ja, overal ja, behalve… op het dak. O, Tom. Jij gaat nu die kleren van het dak vissen!” “Waarom?” “Omdat ik niet in jou kleren naar buiten ga!” “Kom op Bill, niet flauw doen.” “Dan maar flauw doen. Ga je ze nog halen?” “Ok, ok, ik ga al.” Bill laat Tom los. Tom draait zich om om de deur van de nooduitgang open te doen. “Hij zit op slot. Nu moet ik de sleutel gaan halen he.” “Jup, maar wel opschieten!” Tom rent weg. “Oja, Bill, de deur zat niet op slot! Succes!” “Scheie Tom! Nu moet ik wel het dak op. Nou vooruit dan maar.” Bill loopt het dak op, ik blijf hier staan, ik heb namelijk gehoord dat er al heel veel fans beneden staan. Shit! Daarom legde Tom dus Bill’s spullen op het dak, die heeft er wel erg goed over zijn plannetje nagedacht. “Bill, wacht! Er staan heel veel fans beneden!” “Huh, wat zeg je? Veel fans beneden?” Bill kijkt naar beneden. “Scheie! Heb ik weer!” Dan hoor ik een van de fans roepen. “Hee, kijk daar boven op het dak! Daar staat Tom!” Heel veel meiden beginnen te gillen. Dan hoor ik een andere fan: “Dat is Tom niet! Waarom heeft hij anders geen pet op en geen dreads? Hij heeft zwart haar! Het is Bill!” Weer een stel meiden die beginnen te gillen. Dan hoor ik de eerste fan weer: “Maar wat doet Bill met Toms kleren?” Er ontstaat een heel gesprek, Bill heeft er duidelijk ook naar staan luisteren, want hij pakt gauw zijn spullen en loopt gauw naar binnen. Als hij binnen is lopen we samen naar de kamer van Bill, ik ga gelijk door naar de kamer waar Tom en de rest zitten terwijl Bill zich omkleed. “En, heeft hij zijn kleren van het dak gehaald?” vraagt Tom. “Ja, maar ik denk dat je nog niet van hem af bent.” “O, maakt niks uit, ik verzin wel iets om eronder uit te komen.” Dan komt Bill binnen. “Waar kom je wel onderuit?” “Oh, onder jou wraakplannetje.” “En wie zegt dat ik een ‘wraakplannetje’ heb?” “Nouja, aangezien we zo ongeveer hetzelfde in elkaar zitten, heb ik het idee dat dat nog wel komt.” Dan komt de manager. “Hebben jullie al naar buiten gekeken? Er staat al een hele rij fans op jullie te wachten. O, en Bill, ik weet niet waarom je daarnet Tom’s kleren aanhad, maar die van jezelf staan je beter.” “Nou, ik kan u vertellen, Bill heeft al naar de fans buiten gekeken, en nog even gedag gezegd ook. H Bill?” “Erg grappig hoor Tom. Erg grappig.” “Wat de reden ook geweest mocht zijn, jullie moeten zo meteen op, dus maak je maar vast klaar. Dan zal ik jullie niet meer storen. Tot over een half uurtje.” En de manager gaat er weer vandoor. De jongens berijden zich voor voor zover dat mogelijk is. En ik ga in de zaal staan. Langzaam druppelen de fans binnen. Er word keihard gegild! Na een half uurtje komen de jongens het podium op. Ze beginnen met bers ende der welt. Het is echt een heel gaaf concert. Na een paar nummers komt Scream, ik word het podium opgeroepen om mee te zingen met Bill. Het is wel spannend om voor zo veel mensen te staan maar het gaat goed. Dan nog een paar nummers. “En dan hebben we nu een verrassing voor jullie.” Zegt Bill. Gustav, Georg, maar ook Tom staan verbaast te kijken. Nog verbaasder dan de fans. Maar Bill gaat gewoon door. “Normaal doen we dit soort dingen niet, maar speciaal omdat jullie hier met zijn allen zijn gekomen gaat Tom een stukje voor jullie zingen. Veel succes Tom.” Bill geeft een knipoog naar mij, veel fans om me heen beginnen te gillen omdat ze denken dat het voor hun was. Bill geeft zijn microfoon aan Tom. “Eh…hallo… Ik denk niet dat dit het plan was. Ehm…sorry, maar ik ga niet zingen, ik eh…moet daar denk ik nog even op eh… oefenen.” Hij geeft gauw de microfoon aan Bill. “Kom op joh, doe nou. Niet zo flauw doen.” Tom schud hevig nee. “Nou, als jij niet wilt, dan gaan wij maar weer verder. Hier is Ich brech aus!” En alles gaat weer volgens plan. Als het concert afgelopen is ga ik sneaky naar de kleedkamers van de jongens toe. Daar staan Bill en Tom. “Waarom deed je dat?” “Dat kan ik ook aan jou vragen: Waarom legde je mijn spullen op het dak?”“Nou, als geintje.” “Zelfde verhaal dus als bij het concert: als geintje.” “Ja.” “Dus je had gelijk, ik zit hetzelfde in elkaar als jij.” “Nou…”“Wat nou?” “Wat nou nou.” “Huh..?” “Hahaha… ok, het is klaar zo, we staan weer gelijk.” “Is goed.” “Hee, Sas, wat vond je van ons concert?” “Het was gaaf.” “We moeten zo weer weg, terug naar het hotel.” “Ok. Ik heb slaap joh, hebben jullie daar geen last van.” “Jawel, maar we gaan straks lekker pitten, en dan begin je morgen weer fris.”“Ok.” Als iedereen klaar is gaan we naar buiten. Ik ga als laatste weg, ik knoop nog even een praatje aan met iemand van de beveiliging om hem te bedanken, en te verontschuldigen voor vanmiddag. Bill, Tom, Gustav en Georg zitten al in de auto als ik aan kom. Maar er staat ook nog een hele horde met fans. Die zien mij nu vanuit dezelfde gang komen als de jongens van Tokio Hotel. “Zij wil de jongens inpikken!” Hoor ik een van de fans roepen. “Ja! Ze houdt ze alle vier voor zichzelf!” Dat was een andere fan. Dan komen ze met zijn allen naar me toe, ik heb geen idee wat ik verkeerd heb gedaan, maar dit gaat niet goed!

Deel 13

Ik ren weg met al die mensen achter me aan. Er zijn ook een paar bewakers bij gekomen die de horde fans tegen willen houden, maar dat komt echt niet goed! Ik ren zo hard ik kan, maar dan struikel ik. En val hard op de grond, ik probeer overeind te krabbelen, maar dan pakt iemand me vast. Ik krijg een harde dreun voor mijn hoofd en word geschopt en geslagen. Voor de rest weet ik niet wat er gebeurt. Als ik weer wakker word heb ik een knallende koppijn. Ik heb het ijskoud. Behalve mijn linker hand. Ik doe mijn ogen open, ik zie Bill zitten, hij houd mijn hand vast. Er staat ook een zuster die hem probeert te overtuigen dat hij naar huis moet, of dat hij moet gaan slapen. “Je moet naar huis Bill, of als je even wacht zet ik hier een bed voor je neer.” “Nee, ik blijf hier zitten totdat ze weer bij is.” “Ga nou slapen, je hebt het nodig.” “Nee, ik wil zeker weten dat alles goed met haar gaat.” “Dat heb ik je nou al twintig keer gezegd, alles is onder controle.” “Toch wil ik het zeker weten. Dit zou ik ook hebben gedaan bij Tom. Hij zou het bij mij ook doen. Ik blijf bij haar, ik weet wel zeker dat het omgekeerd hetzelfde zou gaan.” “Je kan zo eigenwijs zijn, ga toch slapen.” “Nee. Dat wil ik niet!” Ik wrijf over zijn hand, dan zeg ik: “Bill, ga maar, het komt goed, ik denk dat zij ook een stuk blijer word.” “Maar ik wil bij jou zijn. Ik laat je niet alleen.” “Dan laat je hier toch een bed neerzetten, of je komt lekker naast mij liggen.”“Wil je dat?” “Ja, kom maar.” Ik schuif opzij zodat Bill erbij kan. “Nou vooruit dan.” “En nu gaan slapen h. Het is al laat.” En de zuster loopt weer weg. “Wat was dat daarnet bij dat concert? Wat gebeurde er?” “Ik heb geen idee wat die fans in hun hoofd haalden. Ze waren boos dat ik jou had gekozen om mee te zingen met Scream, in plaats van dat ik een van hun koos. Toen gingen ze achter je aan. Er was een ambulance. Tom en ik zijn mee gereden en de hele tijd heb ik je hand vast gehouden en ben bij je gebleven. Tom heeft Gustav en Georg genformeerd hoe het met je ging. Zij zijn later ook gekomen. Maar je was nog steeds buiten westen. Ze zijn nog maar net naar bed gegaan, de kamer hiernaast. We maakten ons vreselijk zorgen. Dus ik ben bij je gebleven. Die zuster stond al een half uur aan mijn hoofd te zeuren.” “Ze was gewoon jaloers dat zij niet in mijn plaats hier zou liggen.” Bill geeft een kus op mijn hoofd, dan valleen we tegen elkaar aan in slaap. De volgende ochtend worden we wakker gemaakt door dezelfde zuster als de zuster die gisteren zei dat Bill moet slapen en dat hij weg moest. “Zo, ik zei toch dat je je slaap nodig hebt? Nou, jullie zijn gelukkig wel lekker warm gebleven met zijn tween.” “Hmm…ja…” “Je mag weer naar huis meissie. Hoe voel je je nu?” “Oh… eh… goed. Bill heeft erg goed voor me gezorgd.” We gaan weer naar het hotel. Er ligt een hele berg met post, allemaal van fans. De meeste berichten gaan over gisteravond. Ze verontschuldigen zich van wat er is gebeurt, maar dat ze bang zijn dat een van hun al verkering heeft, en dat wanneer dat gebeurt dat Tokio Hotel dan stopt. “Wat fans allemaal in hun hoofd halen, ik zou nooit stoppen met Tokio Hotel, ondanks dat ik jou heb Sas. Dus als je onze muziek niet meer goed vind heb je mooi een probleem.” “Haha…ik vind jullie muziek te gek. Echt waar. Shit, wat voor dag is het vandaag? Maandag toch?” “Ja?” “Ik zou vandaag weer naar school moeten!” Ik zet mijn mobiel aan. Dan krijg ik een sms’je van Kimberley: ‘Heej, waar blijf je nou? Straks kom je nog te laat op school, en dit zou de 1e dag voor mij worden bij jou in de klas. En dan ben je er niet! Schiet een beetje op wil je? Bye. Liebe dich.’ “Wat moet ik nou zeggen? Ik kan toch niet zeggen, ‘ja hoi Kim, ik zit even bij Bill Kaulitz op schoot, vind je niet erg h? Mijn huis is afgebrand en ik ben knock-out geslagen door TH-fans. Ik zie je later weer op school. Doei.’ Dat is toch raar?” “Tja, laat mij eens even. Ik verzin wel wat.” Ik geef Bill mijn mobiel. “Waar staat ze in je mobiel? O, wacht ik zie het al. Maak je niet druk, het komt goed.” Bill typt iets in op mijn mobiel. Wat weet ik niet, draait elke keer mijn mobiel om als ik wil kijken. Dus ik zie niets. Een paar minuten nadat Bill het sms’je verstuurt heeft krijg ik een sms’je van Kimberley terug: ‘Gaaf joh, nou ik zie je wel weer verschijnen h. Ik zal het zeggen op school. Bye.’ “Wat heb je geschreven, Bill?” “Kijk maar bij je verzonden berichten.” Ik zie het sms’je staan wat Bill daarnet heeft gestuurd. ‘Hoi Kim, ik stuur dit sms’je voor Sasha. Ze heeft helaas een paar niet zo leuke dingen beleefd. Dus nu is ze (tijdelijk) bij ons. Wil je ons een pleziertje doen, en op je school zeggen dat Sasha ziek is. Als je directie wilt bellen moet het via dit nummer. Dan zal ik opnemen (zorg asjeblieft dat hij een beetje Duits spreekt). Dan zal ik het hem uitleggen. Je houdt nog iets tegoed van ons. Doei Bill Kaulitz van Tokio Hotel.’ “Jij bent echt slim met dit soort dingen, doe je dit vaker ofzo?” “Nee, ik verzon het terplekken, klink goed toch?” “Zeker! Kan je dat soort dingen vaker voor me doen?” “Dacht het even niet h, een keer was genoeg.” “Jammer…”

Deel 14

Die middag worden we gebeld op mijn mobiel. “Bill! Ik word gebeld door de directie van school! Jij moet opnemen!” “Ik kom al, ik kom al.” Bill komt aanhollen. “Ga jij maar even bij Tom enzo zitten.” “Ok.” En ik ga naar Tom toe. Ik hoor Bill praten. “Hallo…ja dat klopt…ze heeft in het weekend een paar incidenten meegemaakt…ik zou graag priv-les voor haar willen aanvragen…inderdaad, zodat ze het via de computer kan maken….zou dat echt kunnen? Dank u wel, en wat kost dat dan…ok…geregeld… en wat was uw telefoonnummer ook alweer… ok, ik heb het opgeschreven…en de e-mail waar ze het huiswerk naartoe moet sturen, ok, staat ook genoteerd. Dank u wel. Doei.” Ik kon het gesprek moeilijk volgen, maar ik snapte het wel. Bill komt binnen. “Wat zei hij? Wat was er aan de hand?” “Hij vroeg waarom je niet gekomen was, want Kimberley kon netzo goed even snel iets verzinnen. En ik heb priv-les voor je aangevraagd. Dat vond hij goed. Wij willen je wel helpen met je huiswerk, we hebben namelijk dezelfde methode. Je krijgt je huiswerk telkens via de mail, en dan maak je het op je computer en als je het af hebt dan stuur het gewoon via de e-mail weer terug. Hetzelfde geld met aantekeningen, proefwerken, SO’s en gewone lessen. Het wordt allemaal opgestuurd, en je kan altijd hulp aan hun vragen. Ik heb ook het telefoonnummer van je directeur opgeschreven voor als je dringende vragen hebt. Mee eens?” “Ja, helemaal!” “Dus nu kan je gewoon nog met ons meereizen zonder dat je iets mist.”“Yeah! Ik blijf bij jullie! Dank je dat je dit hebt willen doen.” “Graag gedaan hoor. Het was een kleine moeite.” “Denk maar niet dat je hier niks voor hoeft te doen, je moet er echt wel tijd aan besteden hoor.”zegt Tom. “Dat snap ik ook wel, ik ga gewoon hartstikke mijn best doen.” “Nou, zullen we dan maar eens op je mail gaan kijken?” “Ok, daar gaan we.” We gaan naar Bill’s kamer. Daar heeft hij een laptop staan. Ik start mijn msn op met het plan om mijn mail te openen. Maar voordat ik daar de kans voor krijg heb ik heel veel reacties van mensen. Allemaal dezelfde vragen, waar ben je, waarom was je niet op school, kom je gauw terug. Dan zie ik pas hoeveel mensen mij willen toevoegen aan hun msn-lijst. 85 mensen! “Oeps, ik denk zomaar eens dat een van je vriendinnen haar mond niet kan houden. Tijd voor een nieuw hotmail-adres.” “Ik heb wel een oude vriendin in mijn lijst staan die haar mond niet kan houden. Ze is alleen niet meer mijn vriendin, helaas.” “O, maar als je nou in ieder geval die Kimberley toevoegt. En een paar familieleden erbij. Maar niet te veel, want je ziet wat ervan komt.” Ok, nou, laten we dan maar een paar mensen toevoegen.” “Ik bel even naar je school om je nieuwe e-mail door te geven, anders heb je nog steeds weinig aan je priv-lessen.” Bill loopt weer de kamer uit om naar school te bellen, bijna gelijk met wanneer hij terug komt ontvang ik een mailtje. Dat is dus mijn huiswerk.Ik ga maar aan het werk, zodat ik straks nog wat tijd over heb om leuke dingen te doen. Na een tijdje ben ik klaar. Ik ga weer naar mijn msn lijst. Ik zie dat Bill, Tom, Gustav en Georg mij hebben toegevoegd. Vanaf een andere computer denk ik, want ik zit nu op die van Bill. Eens even kijken. Tom is online. Sassie zegt: Hoi Tom zegt: Heej, eindelijk klaar met je huiswerk? Sassie zegt: Ja, het duurde even, maarja, het is klaar. Wat ben jij eigenlijk aan het doen. Tom zegt: Tja, beetje vervelen. Met jou msn’nen. Je weet wel. Sassie zegt: Aha… Tom zegt: Ging het een beetje? Sassie zegt: Ja hoor, helemaal goed, maar een paar kleine foutjes. Tom zegt: Ok, mooi. Maarre… Ik moet je even vriendelijk vragen om niet naar Gustav’s kamer te komen. Sassie zegt: Enne…Waarom dan niet ^^ Tom zegt: dat merk je nog wel. Sassie zegt: Nou… plies? Tom zegt: Nee, anders stuur ik Bill op je af hoor! Hij zorgt wel dat je ophoudt met smeken. Sassie zegt: Oja? En waarom denk je dat? Tom zegt: Omdat ik daar ervaring mee heb, geloof me maar. Sassie zegt: Aha… Tom zegt: Verder nog wat te melden? Sassie zegt: Nee, eigenlijk niet. Jij wel? Tom zegt: Nope, ik heb ook niks meer. Sassie zegt: Ok. Dan ga ik nog even bedenken wat ik ga doen, helemaal in mijn upie, in Bill’s kamer, met alleen jou op msn… Tom zegt: En nu is zeker het moment dat ik medelijden moet krijgen. Toch? Sassie zegt: Nouja, eigenlijk wel ja. Tom zegt: Aha… maar ik ga weer, nu krijg ik mijn huiswerk rotzooitje binnen. Sassie zegt: Ok, doei doei Tom: Bye Dan meld Tom zich af. Een half uurtje later zie ik dat hij weer online komt. Sassie zegt: Wat was je aan het doen???? Tom zegt: Je moet even naar Gustav’s kamer komen. Sassie zegt: Maar daarnet mocht dat niet… Tom zegt: Maar nu wel…Kom nou! Sassie zegt: Ok, ok, ik kom al Tom zegt: Mooi Ik zie nog net dat Tom offline gaat, dan ga ik ook offline. Ik loop naar Gustav’s kamer. Ben benieuwd wat ze nu weer uitvreten. “Hallo?” zeg ik als ik voor Gustav’s deur sta. Ik wil namelijk niet in de maling genomen worden. “Kom maar binnen hoor. Dat hebben we toch gevraagd?” Ik doe de deur open. “Hoi Sas, we hebben een cadeautje voor je!” zegt Tom blij. “Oja? Jullie zijn wel van de cadeautjes h?” “Ja, ja, maar deze heb je nodig.” De jongens gaan opzij, daar staat een nieuwe laptop. “Wauw, die is mooi man!” “Echt waar? Ben je er echt blij mee?” “Ja, super.” “Er zit al internet enzo op. Dus als we aan het touren zijn kan je toch msn’nen, internetten, e-mailen, en iets wat minder leuk is maar toch moet, huiswerk maken.” “Ik ben er echt blij mee! Serieus!” “Mooi zo.”

Deel 15

Dan wordt Bill gebeld op zijn mobiel. “Hallo, met Bill…Hooi mam!....Ja, we hebben het erg naar onze zin…je gelooft het nooit, ik heb een vriendin, ze is super lief, en ik ben haar ook aan het verwennen…trouwen? O, die tante…Scheie!...Nee h, niet in pak please!...Wij onbeschoft?...We zullen haar eens wat laten zien…niet voor schut zetten? Nee, nee, nee, we doen ons best… Ok, dag mam.” “Wat was er?” “Slecht nieuws Tom, we moeten naar de bruiloft van onze bekakte tante. Getver!” “Nee!” “Jawel, maar ze heeft gezegd dat wij ons toch niet kunnen gedragen, dus we hoeven niet te komen, anders word het alleen maar een puinhoop.” “O nee, echt niet! We laten haar eens zien dat wij ook netjes kunnen zijn!” “Maar Tom, heb je er al over nagedacht dat je dan in pak moet. En dan bedoel ik niet zo’n oversized shirt wat je nu aan hebt.” “Voor een paar uurtjes hou ik het wel vol. Hoop ik.” “Dat hoop ik ook voor je. Laten we maar gaan, want het is morgen al, en we moeten nog alle spullen bij elkaar rapen.” “Maar ik wil dus echt niet de hele avond in zo’n strak ding lopen.” “O, Tom, geloof me, dat ga je ook niet doen. Voor een paar minuutjes maar. Ik heb een plan…” De volgende dag gaan we dus naar Hamburg, naar het huis van Bill en Tom. Hun moeder staat ons al op te wachten. “Hoi jongens. Hebben jullie het een beetje naar jullie zin gehad?” “Ja hoor, en Bill helemaal. Toch Bill?” “Ja, echt wel. Mam, dit is Sasha. Sasha, dit is onze moeder.” “Hallo.” Zeg ik een beetje verlegen. “Je hoeft niet zo verlegen te doen hoor Sas, we weten dat er pit in je zit.” “Grappig, Tom.” “Maar zijn jullie klaar voor de bruiloft? Dus hebben jullie je pak meegenomen?” “Ja, het zit allemaal in onze koffers.” “Mooi zo, ga je dan maar gauw omkleden.” “Ok.” En met zijn vieren gaan we naar binnen. Het is een gezellig huis, Scotty en Kashmir komen ons vrolijk tegemoet lopen. Ik geef ze allebei een aai en een knuffel. “Laten we ons dan maar ik onze ‘nette’ kleren gaan hijzen.” “Jup, het zal wel moeten.” Na een paar minuten komt Tom zijn kamer uit. “Man! Dit zit echt voor geen ene meter! Hoe wil jij dit volhouden Bill? Waarom mogen deze kleren nou niet in maatje oversized? Dat zit veel lekkerder!” “Nee Tom, oversized kleren zijn niet echt dat je zegt lekker passend voor op een bruiloft. En ik geef toe, het zit inderdaad niet lekker. Waar blijft Sasha eigenlijk? Ze heeft het lekker druk in de badkamer.” Ik hoor Bill naar de deur lopen. “Kom je er nog uit?” “Nog even wachten. Ook ik vind dit niet de lekkerste kleding die er is. Getver, die jurk zit niet lekker, maar ik probeer het toch vol te houden.” “Ok, maar ben je nou bijna klaar?” “Jaahaa… bijna! Even mijn make-up en mijn haar doen.” Dan komt Tom aanlopen. “Zelfs Bill is nog sneller klaar!” “Hee! Pas op broertje!” “Wat!? Het is zo! Jij bent normaal al lang bezig, zij is nu nog langer bezig.” De jongens gaan nog even verder. Ik let er niet op. Er gaat een hele zooi met haarlak in m’n haar. Het plakt, getver! Eindelijk ben ik klaar, de jongens zijn nog steeds bezig met bekvechten. “Hallo? Ik ben klaar hoor?” “Wow, waar heb je mijn vriendin gelaten? Die ziet er werkelijk hl anders uit!” “Dh, maar ik ben nog steeds dezelfde Sasha hoor.” “Mooi zo, dan is het nu mijn beurt om m’n make-up zooi te doen.” Bill wil naar de badkamer lopen. “Wacht!” “Wat?” “Je moet er netjes uitzien, en een broek die op je knien hangt, met je haar omhoog en een dikke laag make-up is niet echt dat je zegt toepasselijk voor op een bruiloft. En dat geld voor jou ook Tom! Een New York pet met oversized kleren en gympies zijn ook niet echt chic, al zijn het allemaal merken.” “Mag ik dan een hl klein beetje make-up” “Hmm… alleen als het amper te zien is.” “Yes! Geloof me anders ziet het er heel anders uit dan normaal.” Bill vlucht de badkamer in. “Yak! Sas! Heb je een beetje veel haarlak in je haar ofzo?” “Ja, een beetje.” “Ik ruik het…Goeie tip voor je Tom, kom voorlopig maar de badkamer niet in. Als je het wel doet, is het op eigen risico.” Dan kijk ik even naar Tom. “Je ziet er goed uit in pak. Als je er nou aan went…” “Oh, nee! Ik weet wat je wilt zeggen! Maar dit ga je niet nog eens zien!” “Echt niet?” “Nee, mooi niet.” “En als ik je nou heel lief aankijk?” “Nog niet!” “Ok, maar, je moet wel een stropdas om, weet je dat?” “Nee h, dat ziet er helemaal belachelijk uit.” “Je kan kiezen, een stropdas, of zo’n vaag strikje.” “Hmm…doe dan toch maar zo’n stropdas ding.” “En je weet van Bill’s plannetje, je hoeft het niet lang vol te houden.” “Oja, dat word leuk.” Ik help Tom met de stropdas omdoen. Dan zie ik Bill langslopen, hij probeert zo sneaky en onopvallend mogelijk langs te lopen. Tom ziet hem niet omdat hij met zijn rug naar Bill staat. “Ja Bill, je bent gesnapt, kom eens hier!” Ik ben net klaar met Tom. “Waarom?” “Kom nou.” Bill komt met tegenzin aangelopen. “Kijk eens hoe goed Tom eruit ziet met een stropdas!” “Hahaha…Tom, het ziet er niet uit!” “Maar nu komt het leuke, jij moet er ook zo een om!” “Nee! Please! Geen stropdas.” “Jawel. Kan je het zelf, of moet ik jou ook helpen met aankleden?” “Nee hoor, ik vis het zelf wel uit.” Ongeveer 5 minuten later komt Bill aan. “Ziet er goed uit.” “Dank je. Laten we dan maar gaan h.” Met zijn drien lopen we naar beneden. “Wauw, wat zien jullie er goed uit! Goed van Sasha dat ze jullie heeft overgehaald om die stropdas om te doen. Ik hoorde jullie beneden helemaal!” “Maar we kunnen gaan, oja, maar we moeten nog wel even wat pakken boven.” “Ok, ga maar gauw, dan zal ik de auto vast voorrijden.” We lopen weer naar boven om de koffers te halen die we hebben gevuld met een grote verrassing voor mevrouw de bekakte tante.

Deel 16

Tom zit voor in de auto, en Bill en ik zitten achterin. “Wat zit er in die koffers die jullie meenemen?” “Oh…het cadeautje voor tante.” Zegt Tom luchtig. De weg is een beetje hobbelig, maar we zijn er al gauw. Het is een chic huis die die tante heeft. En groot. “Let’s go. Het wordt vast erg ‘gezellig’ denk je niet.” “Echt wel, zeker net zoals vorig jaar met die verjaardag, ze zat ons de hele tijd af te kraken. Alleen omdat we in een band zitten.” We bellen aan. Tante zelf doet open. “Kom binnen.” Dat was erg overdreven. “En wie mag jij dan wel niet zijn?” vraagt ze aan mij. “Ik…eh…Ik ben Sasha.” Ik geef haar een hand. Tante lijdt ons naar een of andere zaal. Als we daar binnen komen zien we iedereen dansen. Stijldansen natuurlijk, op klassieke muziek. Dat Bill en Tom familie zijn met mensen die hiervan houden. Zo enorm verschillend. We gaan ergens achter in een hoekje zitten. Dan komt er een meisje naar ons toe. Ik denk dat ze iets jonger is dan Bill en Tom. “Hoi. Hoe gaat het met jullie?” “Goed, en met jou?” “Ook wel goed hoor. En eh… wie ben jij eigenlijk?” “Ik ben Sasha.” “Ok. Ik ben Tamara, het pleegnichtje van Bill en Tom.” “Ok, ik ben de nieuwe vriendin van Bill.” “Mazzelaar, Bill is echt een schatje.” Dan gaat ze fluisterend in mijn oor verder. “Ik heb stiekem een oogje op Tom.” “Aha… en…weet hij het al?” “Nog niet. Maar, ehm, ik wilde aan je vragen. Wil je eh, hoe zal ik het zeggen, een beetje in de gaten houden wat hij van mij vind.” “Hihihi, natuurlijk.” “Heel erg bedankt. Maar eh…ik weet niet waarom, maar het voelt zo vertrouwt bij jou. Het lijkt alsof ik je al heel lang ken.” “Ja, dat heb ik ook.” “Maar, wie zijn jouw ouders eigenlijk.” “Dat weet ik niet. De ouders waar ik laatst bij woonde hebben het huis af laten branden . En het lijkt me dat je dat niet met opzet doet als je dochter erin zit. Dus ik geloof niet dat zij mijn echte ouders waren.” “Oh, wat erg. Het enige wat ik weet is dat er een ongeluk was. Met de auto. Ik zat achterin. Mijn ouders overleden en ik werd meegenomen.” “Maar dat is raar. Daar heb ik gisteren nog over gedroomd.” “Oja? Ik ook!” “Maar, wij kunnen toch geen zusjes zijn.” “Nou, ik weet het niet, we hebben allebei geen ouders meer, en we hebben dezelfde dromen en gedachten. Het gaat er bijna op lijken dat wij een tweeling zijn.” “Hahaha… Wij een tweeling, we kennen elkaar pas net.” “Dat is waar. Maar toch heb ik het idee dat het wel zo is.” “Laten we maar weer naar de jongens gaan. Ik geloof dat ze zich een beetje vervelen.” Als we weer bij Bill en Tom aankomen wordt Tom rood. “Eh…Sas… Kunnen we even praten?” “Eh, ja hoor. Hoezo?” “Kom nou maar.” Hij neemt me mee naar de gang waar niemand staat. “Ik eh… ik voel me raar. Ik denk dat dat pak niet goed voor me is. Ik weetniet wat het is, maar het is alleen als Tamara in de buurt is.” Tom kijkt een beetje verlegen naar me. “Tom? Je, je bent verliefd! Oh, wat leuk voor je! Wacht even, blijf hier.” Ik ga naar Tamara toe. “Tamaar, kom mee naar de gang.” “Hee, laat je me zomaar alleen.”zegt Bill verbaast. “Ja, heel even, voor een paar minuten. Sorry.” Ik neem Tamara mee naar Tom. Hij is inmiddels op de trap gaan zitten. Als hij Tamara ziet word hij weer rood. “Tamara, ik heb goed nieuws voor je, Tom, ik heb ook zr goed nieuws voor jou. En ik hoop dat jullie de hint begrijpen, want ik laat jullie nu even alleen.” Maar ik laat ze niet alleen. Ik blijf even om een hoekje staan luisteren. “Eh…Tom, ik eh, ik vind je, eh, heel erg leuk.” Tamara word nog rooier dan Tom. “Oja? Echt? Wauw, ik vind jou ook te gek.” Nu laat ik ze wel alleen. Ik ga weer naar Bill toe. “Waar was je, ik heb je gemist.” “Hmm… even een gesprekje aangeknoopt tussen Tamara en Tom.” “Ooooh… ik snap ‘m. Ok, het werd tijd ook, elke keer als hij haar gezien had was het weer, oh, ik voel me niet lekker. O,dit,o,dat. Maar, nu hebben we de oplossing.” “Zeker.” Dan komen Tom en Tamara hand in hand naar ons toe. “Hee, Tom, ik weet zeker dat jullie het naar je zin hebben gehad.” “Hee! Dat zei ik tegen jullie! Je plaagt me weer!” Dan horen we tante. “Ahum…mag ik even de aandacht? We gaan nu allemaal de dansvloer op. En met allemaal bedoel ik ook echt allemaal.” Ze kijkt streng naar Bill en Tom. “Ik ben benieuwd wie er goed kan stijldansen. En wie niet. Bedankt voor de aandacht.” “Scheie! Ik kan haar echt niet uitstaan!” Zegt Tom. “Nou, laten we dan maar gaan, als het pers moet.” “Maar Bill, kunnen jullie dan… ik bedoel, dansen jullie? Echt stijldansen?” “Nou, nu niet meer. Maar toen we 12 jaar waren moesten we van onze moeder op dansles. Ze wist dat dit er van zou komen. Dus we hebben 3 jaar op dansles gezeten.” “Maar waarom zijn jullie eraf gegaan?” “Tja, net zoals op school werden we nogal raar aangekeken. We hadden toen al onze eigen style, en veel kinderen accepteerden dat niet. Maar dat was toen, dus kom op laten we die tante van mij eens zien wat we kunnen.” “Ok.” We gaan met zijn vieren dus de dansvloer op. Ik dans met Bill en Tamara danst met Tom. Het gaat heel goed. Later die avond komt er een van de neefjes van Bill en Tom naar ons toe. “Hoi, Bill en Tom! Hoe gaat ie?” “Goed! En met jou?” “Ook goed hoor. Maar, wat vinden jullie nou eigenlijk van dit feest?” “Nou, om eerlijk te zijn vinden we het een beetje saai.” “En dat pak zit veel te krap!” komt Tom er tussendoor. “Maar die kleren van jou zitten niet zo heel strak hoor Tom. Kijk eens hoe die meiden ingepakt zitten.” “Dit is niks als je weet wat hij normaal aanheeft.” Zegt Bill. “Aha…maar eh…jullie zitten toch in een band?” “Ja.” “Kunnen jullie de boel niet een beetje…eh…hoe zal ik het zeggen… boeiender maken. Kan dat?” “Oh, jazeker!” Zegt Tom blij. “Als je even wacht, dan staat de boel hier op zijn kop, maar niks zeggen tegen tante, anders gaat het feestje niet door.” “Ok, ok, ik hou mijn mond, ga maar gauw.” Bill, Tom en ik verdwijnen naar boven. We kleden ons gauw om. Tom mag zijn gewone pet weer op in plaats van zo’n saai ding. Bill’s haar mag overeind, en hij mag z’n make-up op. En ik doe ook een laag make-up op. En natuurlijk doen we onze eigen kleren aan. “Ik ga Gustav bellen dat hij moet komen, Sas, luister jij of er niemand aan komt?” “Komt in orde Bill.” Bill belt dus naar Gustav dat hij samen met Georg kan komen. En dat hij de gitaren enzo niet moet vergeten. Na een paar minuten belt Gustav weer terug dat ze voor de deur staan. Hij kan niet aanbellen, want anders zou tante open doen, en dat is niet de bedoeling. Gelukkig kunnen we een van de bewakers ompraten om de gitaren en de microfoon aan te sluiten op de versterkers. Gustav’s drumstel wordt in elkaar gezet. Nu staan we nog achter het doek. Tamara loopt het podium op, voor het doek, op de plek waar tante daarnet stond. “Dames en heren, en natuurlijk ook neefjes en nichtjes.Wat vinden jullie van dit feestje?” Veel volwassenen keken elkaar vragend aan. Ze durven niet te zeggen dat ze het eigenlijk oersaai vinden. Maar de neefjes en nichtjes denken daar anders over: “Mega saai!” roepen ze. “Tante geeft een oersaai feest! We mogen niks!” Dan gaat Tamara verder. “Ik hoor het al. Jullie begrijpen denk ik wel dat de jongeren onder ons zich te pletter vervelen. Dat vind ik helemaal niet gek. En daarom gaan wij de boel een beetje gezelliger maken. Dus, tafels en stoelen aan de kant, lichten uit, en go!” Tamara gaat van het podium af. Het doek gaat opzij en Tokio Hotel begint te spelen. Sasha kijkt van achter het podium mee. Waar is die tante nou? Dan hoort ze iemand met de beveiliging praten. “Wat heeft dit te betekenen? Dit is een chic feest, geen houseparty!” Dat was duidelijk tante. “Mevrouw ik ga de boel niet laten stoppen. Er waren een paar kinderen zo aardig om al die mensen blij te maken, dat ga ik dus echt niet verpesten.” Ik loop naar tante toe. “Zie het maar als een verrassing voor uw huwelijk.” “Maar, het feest, het word een bende!” “Nee hoor, kijkt u maar, iedereen danst, ok het is geen stijldansen, maar ze dansen. En Tokio Hotel heeft ook rustige nummers.” “Oja, en eh, dat zijn mijn neefjes die in die band spelen.” “Ja, dat zijn Bill en Tom.” “Oh, nou, eigenlijk klinkt het best wel goed. En eh, wie schrijft die liedjes eigenlijk?” “Dat doet Bill zelf, of ze doen het met zijn vieren.” “Oh, wat enig, wat knap. Ik had nooit gedacht dat ze dat zouden kunnen.” “Ik ben blij dat u het iets vind.” “Ja, ok, eh, zouden ze misschien een eh…een hard nummer kunnen spelen?” “Maar natuurlijk, ik zal het zeggen.” “Ok meis, dankje.” Ik loop naar Bill toe om te vertellen wat er is gebeurd, ik vertel het niet door de microfoon, maar ik fluister het in zijn oor. Hij knikt dat het goed is. “Hier is op een verzoekje Schrei!” Roept hij. Als ik in het publiek kijk, zie ik dat de tante van Bill en Tom mee staat te zwingen. Als we later naar de moeder van Bill en Tom gaan, is ze helemaal verrast. “Wat hebben jullie gedaan? Die tante is ineens een stuk aardiger.” “Nou mam, dat wil je niet weten.” Zeggen Bill en Tom greinzend.

Deel 17

De volgende ochtend is Bill al vroeg wakker. Ik blijf nog even liggen. Hij gaat naar beneden waar zijn moeder is samen met Tom. Ik hoor ineens een vage maar zeer blije ‘Yes!’ en dan komt Bill de trap op lopen. “Heey Sas. Word je wakker?” “Mwjah…” “Wil je weten wat we over twee uur gaan doen?” Zou hij bedoelen waar die ‘yes’ van daarnet over ging???“Nou? Nee, dat weet ik niet.” “We gaan op vakantie! Met zijn vijven, jij, Tom, Gustav en Georg, en ik. Gezellig toch?” “Ja! En, waar gaan we eigenlijk heen?” “Naar Amerika. Voor 2 weken.” “Gaaf! Dat heb ik altijd al gewild! En nu ga ik met jullie samen! Te gek!” “Tom is aan het bellen naar Gustav en naar Georg, het lijkt me in ieder geval handig als zij het ook weten.” “Tja, nogal.” Ik kleed me razend snel om en pak mijn spullen in. Bill en Tom zijn ook druk bezig. Hun moeder helpt ons om alles te vinden. Dat is vooral in de kamer van Tom nodig. Ze had namelijk in de tijd dat we weg waren het huis opgeruimd. Dus ook de kamers van de jongens. En Tom weet normaal precies waar alles ligt. Als het een bende is. Maar nu het opgeruimd is heeft hij geen idee waar hij al zijn spullen zou moeten vinden. Eigenlijk wel grappig. Bill en ik lachen een beetje. “Wat is er? Jullie lachen me toch niet uit h?” “Nee hoor Tom, we lachen je toe. Je doet het prachtig, broertje. Echt waar.” “Ja,ja.” “Ja, echt, serieus.” “Ik geloof je niet Bill.” “Zou ik ook niet doen.” Bill draait zich om en gaat weer verder met inpakken. Na een tijdje zijn we helemaal klaar en staan de koffers beneden. Gustav en Georg zouden we op het vliegveld tegenkomen. Dus we gaan er maar vandoor. Als we na ongeveer een uurtje rijden op het vliegveld aankomen, zet de moeder van Bill en Tom ons af en gaat naar haar werk, ze kon helaas geen vrije dag krijgen. Als we naar binnen lopen zien we Georg en Gustav nog niet staan. Daarom gaan we naar een van de restaurantjes in de buurt om een colaatje te gaan halen. Na ongeveer tien minuten word Tom gebeld. “Hallo, met Tom…heej Georg!...Ja, we zitten hier al een paar minuten te wachten…we zijn bij een restaurantje…ok, tot zo. Doei.” Hij hangt weer op. Na ongeveer 5 minuten zien we Georg en Gustav aankomen. Zij gaan ook een colaatje halen. Nadat we hebben bijgekletst en ons verveelt hebben word onze vlucht eindelijk omgeroepen om zich klaar te maken voor vertrek. We zoeken Gade A op. Die is al snel gevonden, want alles staat goed aangegeven op de bordjes. Dan begint de reis naar Amerika. In het vliegtuig is veel beenruimte, dat komt goed uit, want de jongens zijn best lang en hebben dat dus wel nodig. Normaal is er niet zo veel plaats, daarom verbaas ik me er een beetje over. We kunnen met zijn drien naast elkaar zitten. Tom bij het raampje, Bill in het midden, en ik zit aan het gangpad. Gustav zit achter Tom. Hij zit ook bij het raampje, naast hem zit Georg, achter Bill dus. Als we opgestegen zijn mogen de riemen los en kan je gewoon door het vliegtuig heen lopen. Tom zet zijn ipod op. Bill, Gustav, Georg en ik knopen een praatje aan. Eigenlijk slaat het gesprek nergens op, maar dat maakt niet uit, zo doen we tenminste iets. Na een tijdje vallen we in slaap.

Deel 18

Als ik wakker word is iedereen, behalve Tom, nog aan het slapen. “Hoi, lekker gepit?” “Ja hoor, waarom ben jij eigenlijk niet gaan slapen?” “Nou, ik heb soms last van vliegangst. En met het idee dat we elk moment kunnen neerstorten kom je niet echt lekker in slaap.” “Oh, maar je moet niet aan dat soort dingen denken joh. Weet je wel hoe klein de kans is dat je neerstort?” “Nou…nee…”“Eh, nou, eigenlijk weet ik dat ook niet, maar de kans is hl klein.” “Je hebt gelijk.” De rest wordt ook wakker, deze keer ontstaat er een discussie. Veel boeiends gebeurt er eigenlijk niet tijdens de rit. Gelukkig komt er al snel een einde aan de vlucht en zijn we dus in Amerika. Het grappige is dat ze in Europa heel erg bekend zijn en veel door de media gevolgd worden. Maar hier in Amerika herkent niemand de jongens van Tokio Hotel. Hier moeten ze nog doorbreken, maar ze willen eerst in Europa erg bekend worden. Zo is het wel lekker rustig, geen handtekeningen, geen onverwachte interviews, geen fotograven die je constant volgen, geen horde fans die om je heen staan te dringen, of terwijl een lekkere, rustige vakantie. We zoeken onze koffers op en we kunnen vertrekken. We rijden vanaf het vliegveld met een bus naar onze vakantiebestemming in New York. Het is niet zo’n hele lange reis. Gelukkig heb ik vermaak meegenomen voor onderweg, dat kwam ook erg goed van pas in het vliegtuig. Na een tijdje komen we bij een groot, chic hotel. Het heeft een heel groot buitenzwembad. Als we uit de bus stappen en onze koffers eindelijk gevonden hebben komt er iemand naar ons toe. “Kan ik uw koffers alvast naar uw kamer brengen, heren en dame.” “Eh, ok, is goed. Maar eh, meneer-waarvan-ik-de-naam-nog-niet-weet, je hoeft ons niet met ‘u’ aan te spreken hoor, we zijn nog geen hoogbejaarden ofzo.” Antwoord Tom. “Aha, is goed hoor. Ik ben Steve. En jij bent..?” “Tom. En dit hier zijn Georg, Gustav, Bill en Sasha.” “Ok, aangenaam kennis met je te maken, Tom.” “Ok, zelfde verhaal voor jou h Steve. Of moet ik je met u aanspreken?” “Nouja, van mij hoeft dat niet. Ik bedoel, ik ben ook geen bejaarde, maar als je dat wilt, je doet maar.” “Mooi, als het je niets uitmaakt dan is de keuze al snel gemaakt.” “Ok, maar ik ga nu dan even jullie koffers naar jullie kamers brengen. De sleutel enzo kan je ophalen bij de receptie. En ik wens jullie nog veel plezier in dit hotel.” “Gaat wel lukken, maar ik heb nog n vraagje. Kunnen ze hier tegen een geintje?” “Nou, dat weet ik eigenlijk niet. Maar je ziet het gauw genoeg als je het hebt gedaan h.” “Ok, bedankt.” “Graag gedaan.” Steve verdwijnt naar boven. Geladen met onze spullen.

Deel 19

Dan lopen we naar de receptie. Daar zit een blonde vrouw achter de balie. Ik gok dat ze nog maar net in de 20 is. “Hallo, kan ik iets voor jullie doen?” Bill ziet meteen al dat Tom een beetje overdreven begint te doen. “Eh, Tom, dit regel ik wel…” “We zijn net aangekomen en zouden graag naar onze kamers kunnen gaan.” “Ok, wat is je naam?” “Kaulitz.” “Hmm…even zoeken. Aha, hier sta je. Voor vijf personen?” “Klopt.” “Dan zit je in kamer 483. Hier is je sleutel, en veel plezier.” Ze geeft Bill de sleutel van onze hotelkamer, en we gaan op zoek naar kamer 483. “ Eigenlijk ook toevallig. Kamer 483 in dit hotel, en zimmer 483 op ons album.” “Ja, nu je het zegt, daar had ik nog niet eens bij stilgestaan.” “Nee, jij was alleen bezig met die receptioniste.” “Ik weet haar naam, Staici.” “En hoe ben je daar achter gekomen?” “Dat stond op het bordje op de balie.” “Aha, en ben je dan nog niet vergeten dat je al verkering hebt?” “Nee joh, tuurlijk niet! Mag ik dan niet kijken wie er voor mijn neus staat?” “zit…” “Ok, zit dan.” “Natuurlijk mag dat, maar dit was wel heel erg overdreven.” “Ja, ja.” Ik kijk op de bordjes van de kamers. “Hee, jongens, hebben jullie niet eens door dat we onze kamer voorbij lopen?” “Oja, de kamer. Bijna vergeten. Maarja, Tom was nou eenmaal ook vergeten dat ie een vriendin heeft.” “Ik was het niet vergeten!” “O, jawel hoor!” “Niet! Trouwens, hoe weet jij wat er in mijn hoofd rondgaat?” “Dat weet ik gewoon, daar ken ik je goed genoeg voor.” “Puh…” “Jongens, hou nou even op ok? We zijn op vakantie.” “Ja,ja. Ok.” Gelukkig beginnen Bill en Tom niet meer over die Staici. We gaan onze spullen uitpakken. Als ik klaar ben doe ik mijn mobiel aan. Gelijk ontvang ik een sms’je van Kimberley: ‘Hoooi, wat hoor ik nou? Doe je aan priv les? Waar ben je nu?? Je raad het nooit Sas, ik heb eindelijk verkering met Ryan!! We hebben nog niet echt gezoend, alleen maar op de wang, you know. Spreek ik je gauw weer??? Ik wil iets met je afspreken, een keer naar de bios of zoiets? Hoe staat het eigenlijk met jou liefdesleven?? Nou, zie/spreek ik je dan gauw weer?? Bye bye, Kim.’ Vanmorgen verzonden…Oja, toen had ik m’n mobiel natuurlijk nog niet aangehad. Ik schrijf maar gauw weer een berichtje terug: ‘Hooi Kim. Het klopt inderdaad dat ik priv les heb. Nouja, het is via de computer, elke keer ontvang ik dan een mailtje, en dan stuur ik er weer eentje terug. En zo gaat het maar door tot ik afgestudeerd ben, of tot ik weer gewoon naar school ga. Leuk dat je verkering hebt trouwens. En met Ryan! Dat had ik nou nooit verwacht. Is ie wel een beetje lief voor je?? Denk t wel he, anders was het alweer uit. Om iets af te spreken moet ik nog even kijken wanneer ik tijd heb. En dan het verhaal van waar ben je nu, en hoe staat het met jou liefdesleven..Ik ben in Amerika, in New York om precies te zijn. Het hotel is echt poepie chic. En je raad never nooit met wie ik hier ben. Dat zal ik je nog even besparen.’ Ik verzend het sms’je. Niet veel later krijg ik weer antwoord: ‘Wat is er dan?? Met wie ben je dan in Amerika??? Je maakt me nieuwsgierig! Please vertel nou…’ Ik schrijf weer een berichtje: ‘Raad maar…Als je logisch nadenkt, met wie zou je normaal nit op vakantie gaan, omdat je geen schijn van kans hebt. Ik geef een hint. We zijn hier met z’n vijven. Weet je het al??? Ik heb trouwens gekeken wanneer we kunnen afspreken. Over twee weken? Als ik weer terug ben? Lijkt je dat wat? En dan gaan we naar.. Drievliet! Is dat ok?’ Nog geen minuut daarna krijg ik een sms’je terug: ‘Nee toch! Je bent er toch niet met Tokio Hotel?? Dat kan niet! Drievliet is een goed idee! Toppie!’ Vervolgens stuur ik dus weer een sms’je terug: ‘Het kan dus wel. Ik zit hier twee weken met Bill, Tom, Gustav en Georg. Vind je het trouwens heel erg als er nog iemand met ons meegaat naar Drievliet? Ze heet Tamara en is heel erg aardig.’ ‘Oh, maakt niet uit joh. Het wordt vast gezellig! :P’ Ok, dus Kimberley vindt het helemaal niet erg dat Tamara ook meegaat. Dat komt goed uit. Dan komt Bill mijn kamer binnenlopen. “Ben je nou eindelijk klaar? We gaan zo naar de stad.” “Ja, ja, maar ik kreeg een sms’je. Die moest ik echt even beantwoorden.” “Aha, en van wie was die dan?” “Van mijn vriendin Kimberley, jij hebt haar ook al eens een berichtje gestuurd.” “Oh, zij. En wat had ze te vertellen?” “Eh… dat ze een vriendje heeft enzo. En ik heb een afspraak met haar gemaakt als jullie het ook leuk vinden.” “Vertel..” “Als we terug komen uit Amerika, en daarna weer een beetje zijn uitgerust enzo. Dat we dan met haar en Tamara naar Drievliet gaan.” “Oh, dat is toch zo’n attractiepark in Nederland?” “Ja.” “Hahaha… Ik weet niet of Tom daar blij mee zal zijn.” “Hoezo dan?” “Wij zijn de enige die het weten, maar hij heeft last van hoogtevrees.” “Oja? Echt waar?” “Ja, we zijn twee jaar geleden ofzo voor een optreden gaan checken of de mensen uit de zaal ons wel goed konden zien. En wat ze zien. We liepen dus ook het balkon op naar boven. Tom keek naar beneden, en toen zij hij: ‘Jongens, sorry, maar ik ga weer naar beneden. Komen jullie ook zo?’ Dus ik dacht, wat heeft hij nou ineens. Dus dat vroeg ik aan hem. Zegt ie: ‘Ik voel me even niet goed hier. Maar ik ga.’ Later heeft ie bij mij toegegeven dat hij denkt dat hij last heeft van hoogtevrees. Arm broertje.” “Ja, zeker. Maar misschien kunnen we hem er vanaf helpen.” “Ja, misschien.” We lopen samen de kamer uit naar de rest toe. Ze zaten al in de bus op ons te wachten.

Deel 20

We stappen de bus in en gaan naar de stad. Daar is het niet zo heel erg druk. Er zijn nogal veel winkels die ook naar Tom’s zin zijn. Ze verkopen precies de soort petten, zweetbandjes, T-shirts, broeken en schoenen waar hij zich prettig in voelt. “Hee, jongens, ik ben even hier!” roept hij. “Ja is goed joh. We komen je zo wel weer tegen bij zo’n restaurantje om te eten,h.” Wij lopen verder. Al gauw haakt Gustav af. En later is Georg ook verdwenen. Bill duikt ook allerlei winkeltjes in. En natuurlijk leef ik me ook helemaal uit. Ik bedoel, hoe vaak kom je met de jongens van Tokio Hotel in New York. Niet vaak toch? Dus daarom laat ik me lekker gaan. Ik zie ineens een nieuwe cd van Nena staan. Die vind Bill vast wel leuk om van mij te krijgen, daarom koop ik hem. Als ik na een paar minuten een paar straten verder ben zie ik een kraampje staan op de markt waar ze zweetbandjes verkopen, ze maken er ook namen op. “Hallo meisje. Kan ik je misschien helpen?” Vraagt een man die bij het kraampje hoort. “Ja, ik denk het wel. Ik wil graag twee zweetbandjes kopen met zo’n naam erop. Maar maakt u er ook logo’s op?” “Als jij mij verteld of laat zien wat voor logo wil ik het maar al te graag voor je doen.” “O, echt waar? Ik zou er graag eentje willen met de naam Tom erop. En eentje met het logo van Tokio Hotel.” Ik teken het logo van de band op papier zodat de man weet hoe het logo eruit ziet. “Komt in orde. Als je eventjes een paar minuutjes wacht dan heb ik ze voor je.” “Ok, hoelang duurt het ongeveer?” “Nou, ik denk nog geen vijf minuten.” “Oh, als dat alles is blijf ik hier wel even wachten.” Zo gezegd zo gedaan. Het duurt inderdaad maar vijf minuutjes voordat de zweetbandjes klaar zijn. “Wauw, ze zijn nog beter dan ik had verwacht! Gaaf zeg.” “Dank je. Ik ben blij dat je ze mooi vind.” Ik reken af bij de man van de zweetbandjes en ga weer verder. Na een tijdje rondkijken is het tijd om naar het afgesproken restaurantje te gaan. Ik ga op het terrasje zitten, want de jongens zijn er nog niet. Nog geen minuut later komen ze eraan. We eten en drinken wat en dan gaan we weer naar het hotel. Onderweg in de bus geef ik Tom de zweetbandjes. “Asjeblieft. Daar liep ik vanmiddag tegenaan.” “Gaaf joh. Dank je!” De zweetbandjes zijn dus in de smaak gevallen. Nu de cd nog. Ik ga naast Bill zitten. “Bill, ik heb ook wat voor jou. Alleen het is niet ingepakt, dat vind je toch niet erg hoop ik.” “Nee joh, maakt niet uit.” Ik geef de cd. “ Hoe wist je dat ik deze nog niet had?” Vraagt hij verrast. “Tja, gekeken tussen je cd’s h.” “Dank je.” Hij geeft me een kus op mijn hoofd. Het eerste wat Bill doet als we weer in het hotel zijn is de liedjes van de cd van Nena op zijn ipod zetten. Dan gaan we naar het buitenzwembad. Er zitten een paar mensen, maar super druk is het zeker niet. Aan de taal van sommige mensen te horen komen er ook een paar uit Europa. Ik hoor ze allemaal verbaast praten. Ze wijzen naar ons, wel achter onze ruggen om, maar we merken het toch op. Ik heb geen flauw idee wat ze allemaal zeggen omdat ik geen Spaans, Portugees, Italiaans enzovoorts spreek. Maar ik weet 100 procent zeker dat ze het over ons hebben, met het idee van ‘Wat doen zij nou weer hier? Moeten ze niet touren?’ We trekken ons er niets van aan en we gaan lekker relaxen in het zwembad.

Deel 21

Het was iets voor tween toen we het zwembad in gingen. We gaan er nu pas uit, om zes uur. Doordat we zolang in het water hebben gelegen zijn we helemaal gerimpeld. Het ziet er wel grappig uit. Als we ons hebben omgekleed gaan we naar het diner. Het smaakt wel goed. Als Bill die avond zijn mobiel aandoet wordt hij gebelt. “Hallo, met Bill” zegt hij met een moe hoofd. “Ja…Ja? Gaat het door? Ok, maar ik ben nu op vakantie…Ja, dan kan ik wel denk ik…ja…een interview? Ok…is goed…ok, bedankt. Dag.” “Wie was dat?” vraagt Tom. “Die gast van de film, ik mag meedoen! We hebben daarnet een datum geprikt wanneer ik een interview heb en wanneer ik mijn tegenspelers kan ontmoeten.” “O, gaaf voor je dat het doorgaat!” “Ja, zeker. Ik ben echt zo blij…maar vooral moe, kom we gaan slapen.” We kruipen alle vijf ons nest in en vallen al heel erg snel in slaap. De ochtend daarna slaap ik echt heel lang uit. Ik heb geen flauw idee tot hoe laat. Maar het was vast wel lang. Maar dat maakt niet uit. Bill lag nog uitgebreid te pitten toen ik na een tijdje omgekleed was. Wat is hij toch lief als hij slaapt. Dan loop ik langs Tom’s kamer. Hij ligt ook nog te maffen. Dan begint hij te praten in zijn slaap. Bill hoort het en word half wakker. Hij loopt naar Tom toe. Samen voeren ze een heel gesprek dat werkelijk nergens over gaat. Dan gaat Bill zijn bed weer ik en slaapt weer verder. Ok, dit zag er echt heel raar uit. Zou Bill nou echt wakker zijn geweest? Gustav heeft het geluid denk ik ook gehoord, want hij komt naar me toe. “Ben je wakker geworden door Bill en Tom?” “Nee, ik was al wakker, maar ik hoorde Tom ineens praten. Bill ging naar hem toe. Ze voerden een of ander gesprek, ik heb geen idee waarover, en toen gingen ze allebei weer slapen.” “Oh, dat. Dat gebeurt wel vaker.” “Maar wat doen ze dan? En was Bill nou echt wakker?” “Wat doen ze…dat is nog eens een hele goede vraag. Ik geloof dat Tom gewoon droomt dat hij tegen Bill praat. Bill word daardoor in het echt wakker. Loopt naar Tom toe, voert een gesprek, en dan gaan ze allebei weer slapen. Precies wat je ziet. Bill is dus echt wakker.” “Ok…maar het zag er wel heel erg vaag uit.” “Dat hoef je mij niet te vertellen. Ik heb het zo vaak gezien. Echt heel raar.” “Hahaha…Ok. Dank je.” Bill komt naar ons toe, ik weet zeker dat hij nu echt wakker is. “Wattizzer?” Vraagt hij met een slaaphoofd. “Oh, niks, Gustav legde me even uit wat je net deed. Het zag er namelijk grappig uit.” “Grappig? Ik voerde alleen een nutteloos gesprek met Tom.” “Ja, maar op de een of andere manier zag het er heel raar uit.” “Oh. Nou, leuk om te weten. Of zo. Ik ga weer. Doei.” En hij vertrekt weer naar zijn kamer. “Zin om een spelletje te doen?” Vraagt Gustav als Bill weer in zijn bed ligt. “Ok. Wat had je in gedachte?” “Hmm…Pesten? Je weet wel, met kaarten.” “Nou, dat weet ik niet. Ik heb nooit zo’n spelletje gedaan. Mijn ouders wilde dat nooit.” “Oja, maakt niet uit, ik leer het je wel.” “Ok, is goed.” We gaan naar een kamer die we als een soort woonkamer gebruiken. Gustav zoekt de kaarten op en we gaan aan de slag. In het begin ga ik heel vaak de fout in. Daardoor liggen we soms echt dubbel. Echt super raar. Maar bij het vierde ronde heb ik het eindelijk goed door, niet dat ik gelijk alles win, maar het gaat wel al goed. Na een kwartiertje komt Georg, hij gaat ook meedoen. Als Bill en Tom eindelijk uit bed komen en zich hebben omgekleed gaan we ontbijten. Daarna gan we weer naar het zwembad. Gisteren zaten we in het binnenbad, nu gaan we het buitenbad onveilig maken. Deze is echt heel groot, met een duikplank, een bubbelbad, en weet ik veel wat. Tom legt snel zijn badlaken weg en duikt van de duikplank het water in. Als hij na een tijdje boven komt gaat hij gauw het zwembad uit. “Brrr… Wat een koud bad. Ik had lekker warm water verwacht. Brrr…” “Dat heb je meestal met een buitenbad h Tom. Dat weet je toch wel.” “Nou, niet dus.” Wij leggen onze handdoeken ook neer. Ik spring het water in. “Het is niet zo koud hoor.” “O nee? Dat moet ik maar even testen wie er gelijk heeft, jij of m’n broertje.” Bill springt ook het zwembad in, gevolgd door Gustav, Georg, en uiteindelijk ook door Tom. “Je hebt gelijk, de tweede keer is het beter.” Geeft Tom toe. De rest van de dag vermaken we ons in het zwembad, eigenlijk niet alleen de rest van de dag, meer de rest van de vakantie. De meeste tijd zijn we in de zwembaden te vinden.

Deel 22

Als de 2 weken veel te snel zijn afgelopen moeten we weer naar huis. In het vliegtuig hebben we ons een hele tijd verveeld. Na een tijdje zij Gustav: “Weet je wat. We kunnen hier ook gaan pesten. Sasha weet nu hoe het moet. Ja toch Sas?” “Ok, kom maar op, maar deze keer ga ik wel winnen.” “Ja, ja, had je gehoopt.” Bill, Tom en Georg doen ook mee. Na een tijdje zegt Bill: “Ok, diegene die als eerste nu wint krijgt iets van me.” Tom deelt de kaarten, en ik mag beginnen. Het potje duurt best lang. Uiteindelijk wint Tom. “Sorry Tom, ik had eigenlijk meer gehoopt dat Sasha zou winnen.” Hij geeft mij een kettinkje in de vorm van een hartje. Op de achterkant staan onze namen. “En ik dan, ik heb gewonnen.” Tom kijkt er heel zielig bij. “Nou ok dan, omdat je zo sneu bent.” Bill begint Tom te kietelen. “Hee! Geef die anders ook maar aan Sasha.” “Nee! Jij wilde toch zo graag iets van me krijgen, dan krijg je het ook.” Na een tijdje is Bill klaar. “Genoeg gehad? Of wil je nog meer?” “Nee hoor, zo is het wel genoeg, dank je.” Bill slaat een arm om me heen en we gaan tegen elkaar zitten. Tom en Georg doen ons veel te overdreven na. “Hee, kap nou! Dit was aardig bedoeld hoor.” Zegt Bill. “Kap nou, kap nou.” Doet Tom hem na. “Grappig Tom.” Hij houdt op. De rest van de rit blijven we tegen elkaar aan zitten. We landen weer in Duitsland, en rijden daarna door naar Nederland. Daar verblijven we voorlopig. Als ik mijn mobiel aanzet word ik bijna gelijk gebeld. “Hoi met Sasha.” “Hoi Sas, Kim hier.” “Heej Kim, hoe gaat ie?” “Niet zo goed. Het is uit. Oja, en ik kan trouwens niet mee naar Drievliet.” “Dan spreken we nog wel eens af. Maar hoe komt het dat het uit is.” “Hij ging vreemd.” “Ik zei toch dat hij teveel meiden om zich heen heeft. De sukkel, gewoon een beetje mijn vriendin lopen bedonderen.” “Ik weet het.” “En nu?” “Ik heb hem nog een kans gegeven.” “Foute keuze.” “Hoezo? Daar heeft hij recht op.” “Loopt hij nu naast je?” Nee, ik ben thuis, hij moest nog even naar de stad.” “Dan loopt hij nu een ander meisje te versieren.” “Niet! Hij weet dondersgoed dat hij bij mij hoort!” “Zeker weten?” “Ja!” De lijn is verbroken. “Gezellig gesprek.” Zeg ik tegen mezelf. “Wat was een gezellig gesprek?” “Oh, met mijn vriendin. Het is uit met haar vriendje, hij is nogal populair en flirt met alle meiden die bij hem in de buurt komen. Ton heeft ze hem nog een kans gegeven. Ze wilt niet geloven dat hij nu alweer aan het flirten is. Ik geloof dat ze me nu zou willen zeggen dat we ruzie hebben.” “Aha, dat is niet zo mooi.” “Inderdaad, oja, ze kan ook niet mee naar Drievliet.” “Als je zogenaamde ruzie hebt dan lijkt dat me logisch.” “Dat zei ze voordat ze uit haar dak ging.” “Ok. Maar wij gaan toch nog wel, samen met Tamara?” “Natuurlijk joh.” Morgen zouden we gaan, en ik heb er heel veel zin in.

Deel 23

’s Ochtends word ik al vroeg wakker. Ik doe mijn mobiel aan voor het geval dat Tamara een sms’je stuurt. Daarna dek ik alvast de tafel, ik heb toch niks anders te doen. Dan komen de jongens naar beneden, ze zijn verrast door het ontbijt dat op ze staat te wachten. We gaan eten. “En Tom, heb je vannacht weer even een gesprekje gehad met Bill?” vraag ik. “Huh? Een gesprekje met Bill? Nee, niet dat ik weet.” “Nou Tom, je hebt vannacht wel met me zitten praten hoor. Je hebt verteld dat je Tamara heel erg mist en dat je haar gauw terug wilt zien.” “Oh, daar weet ik niks van?” “Toen zei ik dat je haar vandaag weer zou zien, en toen viel je meteen weer in slaap.” “Hahaha… echt waar? Oh, wat raar, ik weet daar echt helemaal niks van.” “Dat doe je wel vaker hoor Tom, maak je maar niet druk.” “Oh, ok dan.” “Kom, we gaan vast onze spullen voor straks inpakken.” “Oja, Drievliet, bijna vergeten.” “Vooral niet doen, wat je gaat je vriendinnetje weer zien.” “Ja, eindelijk weer.” Tom zucht. Ik ga naar boven, mijn tas halen die ik straks mee wil nemen. Als ik weer beneden ben maak ik alvast broodjes klaar voor vanmiddag, doe een paar blikjes Red-Bull in mijn tas en natuurlijk Gustav’s fotocamera. Bill zet ook zijn mobiel aan. Weer word hij gelijk gebelt. “Hallo? Oh, nu via de telefoon een interview doen?” Hij krabbelt op een briefje dat hij even naar zijn kamer is en geeft het aan Tom. Dan loopt hij weg. Dan belt er iemand aan de deur. Als ik de deur open doe zie ik dat het Tamara is. “Tamaar, fijn om je weer te zien.” Ik geef haar een knuffel. “Ik ben ook blij om jou te zien.” “Ik geloof dat er nog iemand is die je wilt zien.” “Tommie!” Tom heeft het gehoord en komt naar de deur hollen. “Hee, Tamaar, wat heb ik je gemist zeg.” “Ik heb jou ook heel erg gemist.” “Het schijnt zelfs dat ik in mijn slaap over je heb zitten praten. Hoe erg ik je miste enzo. Hahaha..” “Oh, echt waar? Wat lief!” Tamara geeft Tom een kus. Met zijn drien gaan we naar de andere jongens toe. Zij zijn natuurlijk allang gealarmeerd dat Tamara er is. “Heej Tamaar, heb je het een beetje kunnen overleven zonder Tom?” Vraagt Bill als hij na een tijdje weer binnen komt. “Oh, nou, het koste me wel moeite hoor. Maar in gedachte is hij er gelukkig altijd.” “En Tom, plet je haar niet fijn, ze moet nog even mee hoor.” “Nee joh, Tamara kan wel tegen een stootje. Ja toch Tamaar?” “Natuurlijk!” “Zullen we dan maar gaan?” Stel ik voor. “Ja, laten we dat maar doen, anders komt het er nooit van h.” We gaan dus met de tourbus van Tokio Hotel naar Drievliet. Het rijden duurt maar een half uurtje, dus we kunnen mooi even bijkletsen. “Weet je, eigenlijk lijken jullie best veel op elkaar. Van binnen en van buiten.” Zegt Tom na een tijdje. “Nou, nu je het zegt. Inderdaad, jullie lijken hartstikke veel op elkaar.” Zegt Bill dan. “Nee joh, niet overdrijven h.” Antwoorden Tamara en ik tegelijk. Door die actie schieten we in de lach. “Dat klonk best raar.” Zeg ik tegen Tamara.“Ja, zeker.” Dan stopt de bus. We zijn bij de Drievliet!

Deel 24

We stappen uit. We hebben wel allemaal een grote zonnebril op maar straks gaat die weer af. Als we voor in de rij staan worden we herkend door het meisje achter de balie. “Eh..kan ik eh…kan ik u…ergens mee…helpen?” Ze word heel erg zenuwachtig. “Ja graag, we willen graag met zijn zessen het park in.” “O, eh..ok.” “Ehm…heb je misschien een pappiertje of zoiets bij je? En een pen?” “Eh..j..ja.” ze geeft een papiertje en een pen aan Bill. Bill, Tom, Gustav en Georg zetten daar hun handtekening op en Bill geeft het weer aan het meisje achter de balie. “Oh…eh…bedankt.” Stamelt ze uit. “Graag gedaan hoor.” We lopen het park in. “Wauw, die is gaaf!” Tamara wijst naar de Lunatic. Dat is een attractie die bijna over de kop gaat, en ook nog eens heel erg hoog. “Tom? Daar wil je toch wel met me in h?” “Eh, nou…dat weet ik eigenlijk niet.” “Ah, toe nou.” Tamara kijkt hem heel lief aan. Dan komt Bill tussen bijde. “Zal ik je dan maar weer uit de brand helpen Tom? Tamara, Tom heeft nogal last van hoogtevrees. Dus we hebben geen flauw idee hoe ver hij wil gaan.” “Oh, had dat dan gelijk gezegd lieverd. Je weet toch dat je me alles kan vertellen.” “Ja, dat is waar.” Zegt Tom binnensmonds. We gaan in een paar attracties. Na een tijdje lopen we weer langs de Lunatic. “Wie wil er mee?” roept Bill. We willen allemaal, alleen Tom zit nog in twijfel. “Ik weet het niet hoor Bill. Het is wel heel erg hoog.” “Wat jij wilt, als jij niet wil, dan hoef je ook niet te gaan hoor.” “Ok.” “Maar ik moet even naar de wc, die is daar toch?” Bill wijst maar ergens naartoe en geeft mij een knipoog. “Ja, inderdaad Bill. Weet je wat, we wachten hier wel even, dan kan Tom mooi even bedenken wat hij wilt.” “Goed idee, Sas.” Bill loopt weg. Na een tijdje horen we de luidsprekers aangaan. Er word een bericht omgeroepen: “Hallo, mensen die hier in Drievliet zijn. Ik wil even vragen of alle Tokio Hotel fans naar de Lunatic kunnen komen. Ik herhaal, willen alle Tokio Hotel fans naar de Lunatic komen. Dat staat aan het begin van het park. Alvast bedankt.” Niet veel later komt Bill weer terug. “Hoi, is er iets Tom? Je wordt zo rood.” “Oh, Bill! Nu moet ik wel in dat ding.” “Ok, is goed. Die had je trouwens nog tegoed van die keer op het dak, weet je nog?” “Oja, scheie. Had ik dat nou maar niet gedaan.” “Oh, dan had ik het waarschijnlijk alsnog gedaan.” “Oh, maar Bill, nu moet ik in dat ding gaan.” “Nee hoor, je kan ook gewoon tegen iedereen zeggen dat je hoogtevrees hebt.” “Hmm…nee, kom op,voordat ik me bedenk.” “Gelukt!” We stappen met zijn zessen de Lunatic in. Eerst Tamara, daarnaast Tom. Naast Tom zit Bill, en naast Bill zit ik. Naast mij zit Gustav, en naast Gustav zit Georg. Langzaam komen er allemaal mensen naar de Lunatic toe lopen, allemaal fans. Alle meiden beginnen te gillen als ze de jongens zien. En allemaal willen ze zo dicht bij mogelijk zitten. Als we eenmaal hard gaan heeft Tom het toch wel naar zijn zin. Hij is teleurgesteld als het ritje alweer voorbij is. We stappen uit. “Dat was gaaf! Ik wil nog een keer!” “Is goed, maar heb je door dat je hartstikke staat te trillen op je benen? Wil je niet even gaan zitten?” vraagt Bill. “Nee joh, kom mee!” En we gaan nog een rondje mee. “En Tom, heb je nog meer goeie ideen?” “Nou, ik niet, maar Tamara misschien wel.” “Ik vind dat we nu in die daar gaan, ok?” Tamara wijst naar een attractie die over de kop gaat. “Vooruit dan maar.” We gaan erin. Je kan met twee personen in een karretje. Tom en Tamara gaan samen. Bill en ik gaan achter Tamara en Tom’s karretje. En Georg en Gustav gaan samen in een karretje achter ons. Natuurlijk worden we op de voet gevolgd door de fans die ook mee zijn gegaan in de Lunatic. Sommige fans blijven beneden staan omdat ze de attractie te eng vinden of omdat alle karretjes vol zitten. Het is een hele gezellige rit, we zingen keihard allerlei nummers van Tokio Hotel, zoals Schrei, Ready set go, en Monsoon. We liggen echt dubbel. Als het ritje klaar is lopen Bill en ik langs het karretje van Tom en Tamara. Die zitten uitgebreid te zoenen. “Hee man, je staat allang stil hoor.” Zegt Bill. “Oh, jammer.” Antwoord Tom.“Je hebt niks van de rit meegemaakt h?” “Eh, nee, ik geloof het niet. Nee.” Zegt Tom blozend. “Dan moeten we er nog een keer in. Maar deze keer ga je bij mij in het karretje. Je zal me toch niet zo gauw zoenen. Tamara gaat bij Sasha.” “Hahaha…Ok, ok.” We gaan dus nog een rondje. Deze keer zitten Bill en Tom samen voor ons. Als we eenmaal ondersteboven hangen hoor ik Tom keihard boven iedereen uitschreeuwen. Gelukkig houd hij dit niet de hele rit vol, anders was Bill nog eens doof geworden. Daarna horen we allerlei andere geluiden: “Tom, je plet mijn hand, mag ik hem even een seconde terug.” “Nee! Dalijk!” “Ik moet nog langer mee hoor.” “Sorry!” Tamara en ik lagen echt dubbel. Als we uitstappen, wrijft Bill over zijn hand. “Heeft hij je hand iets te veel geplet Bill?” “Ja, volgende keer mag hij gewoon weer met Tamara mee.” We gaan in alle attracties die er in het park staan, sommige doen we een paar keer. We hebben echt heel veel lol met zijn zessen. En gelukkig worden we aardig met rust gelaten. Aan het einde van de dag zijn we helemaal uitgeput. En we gaan moe naar huis. Tamara naar haar eigen huis en Bill, Tom, Gustav, Georg en ik naar de studio. We zetten Tamara wel bij haar huis af, zodat ze nog extra lang van Tom kan genieten.

Deel 25

Als we weer terug in de studio zijn hangen Gustav en Georg bijna gelijk voor de tv. Bill gaat douchen. En Tom gaat naar zijn kamer. Ik ga naar die van Bill. Ik ga even op mijn bed zitten, dan voel ik ineens hoe erg ik mijn 'ouders' mis. Ik weet dat zij me in de steek hebben gelaten, ik weet ook niet eens echt f het wel mijn echte ouders zijn. Maar ze hebben wel de moeite gedaan om me op te voeden. Waarom voel ik me nou zo rot. Ik wil hier helemaal niet zijn. Natuurlijk heb ik het hier heel erg naar mijn zin, maar ik kan niet naar familie toe. De jongens wel, die weten wie hun familie is. Maar ik niet. Waarom leef ik nou nog? Omdat ik Bill heb. Hij is nu mijn leven, en ik hou heel veel van hem. Ik kan niet zonder hem, misschien wel net zoals de band tussen Bill en Tom is. Zo voelt het voor mij aan. Ik begin te snikken, mijn adem schokt. Ik weet zeker dat Tom het gehoord heeft, want geschrokken komt hij Bill’s kamer binnen en gaat naast me zitten. “Wat is er aan de hand?” Ik krijg geen woord uit mijn mond. “Kom maar even mee.” Tom neemt me mee naar zijn kamer. Samen gaan we daar op zijn bed zitten. Hij houdt me tegen zich aan. “Wil je me vertellen wat er aan de hand is? Misschien kan ik helpen.” Ik schut mijn hoofd. “Ik…ik wil het je…je best vertellen…maar je kan m…me toch niet h…helpen.” “Soms helpt het als je zegt wat je dwars zit. En als je wilt dat ik het verder aan niemand vertel zal ik dat ook niet doen.” Ik haal een paar keer diep adem. “Het klink misschien nogal lullig, maar ik mis mijn ouders heel erg. En ik weet dat...” weer een schok door mijn adem heen. Ik ga verder.“…dat mijn ouders het huis met mij erin hebben af laten branden, maar toch mis ik ze enorm. En…en jullie kunnen naar een familielid toe, maar ik kan dat niet, ik kan aan niemand mijn verhaal kwijt.” “Jawel, aan ons. Je kan ons alle vier vertrouwen. Echt waar, wij hebben geen geheimen voor elkaar.” “Dat is waar.” “Maar er is meer h.” “J…ja.” Ik pak mijn verhaal weer op waar ik was. “B…Bill is echt alles voor me. Als ik hem niet had dan…dan had ik nu waarschijnlijk niet meer geleefd. Al…al had iemand anders me uit die brand geholpen. Jullie hebben me altijd gesteund, en Bill is echt super lief…Als…als het uit zou gaan…dan weet ik niet wat ik zou doen. Mijn leven zou in elkaar storten.” “Dus alles hangt eigenlijk van mijn broertje af?” “Zo voelt het wel voor mij. En als ik me eenzaam voelde vroeger, zette ik altijd jullie muziek op, dan droomde ik weg op de muziek.” “Oh.” Mijn adem is opgehouden met schokken, maar Tom houd me nog steeds stevig tegen zich aan. Alsof hij me zou willen beschermen. “Bedankt dat je me hebt laten vertellen Tom, je hebt gelijk, het lucht heel erg op.” “Graag gedaan hoor. Ik zie je liever vrolijk dan verdrietig. Dus ik ben blij dat het beter gaat. Ik geef hem een knuffel en een zoen op zijn wang en ga weer naar Bill’s kamer. Dan krijg ik ineens een idee voor een soort liedje. Ik weet niet waarom, want Bill is diegene die liedjes schrijft, maar ineens is het er. Ik pak een blaadje en begin te schrijven. In het Duits en in het Nederlands. (hier schrijf ik het alleen in het Nederlands) Binnen in mij gaat het niet goed Ik voel me Als verloren Vergeten Helemaal niks meer Dan komt woede en verdriet bij elkaar Niemand geeft me liefde! Maar dat klopt niet! Revrein Jij Bent er Jij bent iemand die mij troost Me blij maakt En altijd vrolijk is Jij bent er altijd voor mij Ik voel me niet goed Waar ben je? Waar ben je! Ik heb je nodig! Revrein Jij Bent er Jij bent iemand die mij troost Me blij maakt En altijd vrolijk is Jij bent er altijd voor mij Ik wil springen Springen van het dak Recht naar beneden Dan is iedereen in een klap van me af! Maar dat kan ik niet Dat kan ik je niet aandoen Revrein Jij Bent er Jij bent iemand die mij troost Me blij maakt En altijd vrolijk is Jij bent er altijd voor mij Ik ben soms gewoon hartstikke blind Ik denk dat niemand om me geeft Dat ik verloren ben Vergeten En helemaal niks meer ben Maar die gedachten zijn fout! Revrein Jij Bent er Jij bent iemand die mij troost Me blij maakt En altijd vrolijk is Jij bent er altijd voor mij Brug Natuurlijk ben je ook wel eens boos Maar dan vervul ik jouw rol Revrein Ik ben er Ik ben iemand die jou troost Die je blij maakt Ik ben er altijd voor jou! Jij bent mijn leven Wat zou ik zonder je moeten? Ik sla mijn armen om je heen Ik hou van jou!

Deel 26

Als ik hoor dat Bill klaar is met douchen stop ik gauw de tekst weg. Wat zou hij wel niet denken als hij dit leest? Dan hoor ik Gustav mijn naam roepen. “Sasha! Kom eens beneden! Ik heb de BRAVO en de Hitkrant voor je gekocht! Al was het nogal moeilijk om die Hitkrant te vinden.” “Oh, dank je Gustav! Je bent een schat!” Roep ik naar beneden, dan hol ik de trap af. Gustav geeft me de tijdschriften, als eerste kijk ik in de Hitkrant. Ik zoek Tokio Hotel op in de inhoudsopgave, ze staan erbij, pagina 52! Ik blader door het boekje heen en begin in mezelf te lezen. Bill Kaulitz heeft een nieuwe vriendin! Hij heeft Sasha gedumpt en gaat nu met zijn medespeelster Samantha om. ‘Zij ziet er beter uit, is aardiger, en ik kan met haar meer over mijn gevoelens praten’ zij hij in een interview. Dus mensen scheur alle posters met Sasha van je muur en hang er de nieuwe posters op van Bill met Samantha! Gelukkig dat Bill weer is bijgedraaid. Ik kan niet geloven wat daar staat. Ik word echt pissig, gelukkig dat Bill weer is bijgedraaid! Hoe durven ze! En gaat hij nou echt vreemd? Dan pak ik de BRAVO daar staat dat ook in. “Dat kan niet!” “Wat kan niet?” Vraagt Gustav. Maar ik reageer niet op zijn vraag ik smijt de BRAVO op de bank, per toeval blijft hij op de pagina over Bill liggen, ik pak een van de fietsen uit de schuur naast de studio (die de jongens normaal nooit gebruiken, alleen Gustav hl soms) en rij weg. Tom komt naar beneden. “Wat is er aan de hand?” Dan ziet hij de pagina over Bill. “Onee h. Nu moet ik het vertellen. BILL! KOM GAUW NAAR BENEDEN!!” “Wat is er?” Tom neemt Bill gauw mee naar de gang. “Bill. Je moet achter Sasha aan. Ze heeft me vanmorgen iets verteld. Een heel verhaal, maar het komt erop neer dat jij haar in leven houd, jij geeft haar de liefde en aandacht die ze nodig heeft! Maar kijk eens wat de BRAVO over je schrijft.” Bill leest het. “Maar dat heb ik helemaal niet gezegd! Ik heb Sasha niet gedumpt, en dat ben ik niet van plan ook! Dat wijf van een Samantha denkt dat ik haar leuk vind, maar ze is absoluut niet mijn type. Ze is hartstikke asociaal en de enige reden dat ik met haar omga is door die film!” “Geen tijd om over te discussiren, ga achter haar aan!” Bill rent zo snel hij kan naar de fietsen die er staan en racet naar een plek die hij maar al te goed kent. Alexanderplaats in Berlijn. De plaats waar Spring nicht is opgenomen, om een of andere reden weet hij zeker dat ik daar ben. Ondertussen ben ik inderdaad aangekomen bij de Alexanderplaats. Ik laat de fiets vallen en ren de garage in. Helemaal naar boven, ik moet het dak op. Ik wil niet meer hier zijn. Ik hoor hier niet. Dan stap ik de rand op, ik denk aan de clip van Spring nicht. Dus dit zag Bill toen. Het begint te regenen. “Shit, geen jas bij me. Dat kan er ook nog wel bij, maar straks merk ik daar toch niks meer van.” Iets houd me tegen om me te laten vallen. Ik bedenk me waarom Bill Spring nicht heeft geschreven. Om mensen tegen te houden om zelfmoord te plegen. Je doet andere mensen veel meer pijn, dan de pijn die je zelf voelt. Maar met die andere bedoelt hij waarschijnlijk familie en vrienden. Maar die heb ik niet. Er geeft helemaal niemand om me. Dan herinner ik me de tekst die ik daarnet heb geschreven. Hij houdt niet meer van mij, maar ik hou nog wel heel erg van hem. Hij laat me vallen, hij, die mij in leven houdt. Hij is er niet meer. Dan zie ik vaag iemand aankomen op de fiets. Vast verdwaalt. Ik let er verder niet op. Nog steeds houd iets me tegen om me te laten vallen. Ik begin zachtjes Spring nicht te neurin. Dan voel ik een hand op mijn schouder. “Nimm meine Hand wir fangen nochmal an, spring nich…” Ik draai me om. “Bill?” Dan komen de tranen naar boven. Hij wil me een knuffel geven om me te troosten, ik duw hem weg. “Ga toch lekker naar je Samantha!” Ik ren weer naar beneden, waar moet ik heen? Ik kan nergens heen! Wacht! Tamara! Ik pak de fiets die ik al eerder op de grond had geslingerd. Ondertussen ligt hij in een plas door de regen, maar dat boeit me niet. Ik rij zo snel als ik kan naar Tamara’s huis. Bill probeert me te volgen, maar laat me gaan. Ik laat hem staan in de plenzende regen. Helemaal alleen. Ergens voel ik me heel erg schuldig, aan de andere kant denk ik; dan had hij me maar niet moeten laten vallen!

Deel 27

Na een half uur rijden ben ik helemaal doorweekt, maar ik ben eindelijk bij het huis van Tamara. “Zal ik aanbellen? Wat moet ik dan zeggen? Gewoon doen! Je kunt hier toch niet in je eentje blijven staan?” Ik sta even tegen mezelf te praten, in het Nederlands. Een paar voorbijgangers kijken me raar aan. Tja, zij spreken natuurlijk alleen Duits. Dikke schijt aan ze.Ik bel aan. Gelukkig doet Tamara zelf de deur open. “Sasha? Wat doe jij hier?” “Ik…ik…ik kan nergens anders heen.” Weer barst ik in tranen uit. “Kom maar binnen. Je hebt het vast koud. Waarom heb je dan ook geen jas aangedaan?” “Dat heb ik mezelf ook al afgevraagd.” Even verschijnt er een vaag lachje bij ons allebei, maar al gauw is die weg. “Maar waarom ben je dan hier, en niet bij de jongens?” “Heb je de Hitkrant en de BRAVO dan niet gelezen?” “Die komen morgen toch pas uit?” “Nee, Gustav had ze vanmiddag voor me gehaald. Heel lief van hem. Maar er stond in dat Bill een ander heeft. Ze schreven allemaal onaardige dingen over me. En…en nu zou ik het liefst niet meer… niet meer leven. Ik ging dus naar de Alexanderplaats, je weet wel, waar ze Spring nicht hebben opgenomen. Daar heb ik een tijdje op het dak gestaan. Toen kwam…B…Bill..” Nog meer tranen. “Hij wilde me van het dak komen halen en me troosten, maar…maar ik heb hem van me weggeduwd…en toen ben ik hier heen gekomen. Sorry Tamaar dat je dit zo moet aanhoren.” “Maakt niet uit. Kom we gaan naar boven, dan geef ik je wat droge kleren en dan kan je je wat opfrissen.” We gaan naar Tamara’s kamer. Ze geeft me een spijkerbroek, een T-shirt een vest en sokken. Ik ga me dus opfrissen en omkleden. Als ik mezelf in de spiegel zie schrik ik wel een beetje. Ben ik dat? Dat bleke meisje, met rode ogen van het huilen, en zwarte strepen over haar wangen. Helemaal zeiknat. Gauw droog ik me af en trek Tamara’s kleren aan. Dat ziet er een stuk beter uit. Nu nog die zwarte strepen, je ziet ze nog steeds. Na een hele tijd boenen lukt het eindelijk om ze weg te krijgen. Ik ga weer naar Tamara toe. “Ziet er een stuk beter uit.” Dan roept Tamara’s moeder naar boven. “Tamaar, wie was dat aan de deur?” “Dat was Sasha, we zitten op mijn kamer.” Roept Tamara terug. “Oh, wacht even, ik kom naar boven.” Tamara’s moeder komt naar boven met wat thee. “Hallo meissie. Wat is er aan de hand dat je naar ons toe komt?” “Ik…ik moest even weg van de jongens.” Ik voel weer wat tranen naar boven komen, niet janken, niet doen! Met moeite hou ik ze binnen. Tamara ziet het. “Mam, is het goed als ik je dat vanavond uitleg?” “Oh, ok.” “Ben jij het daar ook mee eens Sas?” Ik knik ja. “Nou, drinken jullie zo je thee op, dan ga ik weer naar beneden. En Sasha, als je iets aan me kwijt wilt kan dat gewoon.” “Ok.” Tamara’s moeder gaat weer naar beneden. Ineens gaat mijn mobiel af. Op het schermpje zie ik dat het Bill is. “Waarom neem je niet op?” “Waarom wel?” “Misschien wil hij je uitleggen wat er precies is gebeurt?” “Nee, ik denk het niet.” “Ik denk van wel Sas. Hij is veel te eerlijk om vreemd te gaan.” “Daar heb je een punt, maar in de Hitkrant en de BRAVO stond dat hij een ander heeft.” “Dat zijn roddels.” “Misschien niet.” “Dat weet je niet, je moet het hem vragen.” “Later misschien.” Even blijven we elkaar zwijgend aankijken. Dan begint Tamara: “Ik laat je wel even zien waar je vannacht slaapt, je krijgt een pyjama van mij aan.” “Ok.” Ik sta op en loop achter Tamara aan. We komen in een rustige kamer met een bed, een bureau en een plank met allemaal boeken. “Ik laat je even alleen, dan kan je even rustig bedenken wat er aan de hand is, ondertussen vertel ik het verhaal aan mijn moeder ok?” “Ok.” Tamara gaat naar beneden. Ik blijf hier. Dan zie ik pas dat Bill mijn voicemail heeft ingesproken, maar ik heb geen zin om te luisteren. Ik ga, zoals Tamara al zei, even rustig nadenken wat er gebeurt is. Na een tijdje word ik weer gebeld, deze keer door Tom. Weer neem ik niet op. Allebei proberen ze het nog een paar keer.

Deel 28

Een paar dagen hou ik dit vol. Dan word er gebeld naar het huis van Tamara. Tamara neemt op. Ik hoor haar voor een deel het gesprek voeren: “Hallo? Ja, die is er…wil je haar spreken?... Ik weet niet of je daar wat aan hebt… ze sluit zichzelf al een tijdje op…al gebeld…niet opgenomen…nouja, veel succes dan…ok, ik zal kijken wat ik kan doen…bye.” Tamara loopt naar de kamer toe waar ik zit. Ze klopt op de deur en komt binnen. “Hoi.” “Hoi, er is iemand voor je aan de telefoon.” “Zeg die ‘iemand’ dan maar dat ik er niet ben.” “Hij weet al dat je er bent, dus ik zou toch maar een gesprekje gaan aanknopen als ik jou was.” “Geef maar hier.” Ik zucht. Tamara geeft me de telefoon en loopt weer mijn kamer uit. “Hallo, met Sasha.” “Hoi Sas, met Tom.” “O, waarom bel je?” “Ik moet je iets zeggen. Het is nogal dringend.” “Wat dan?” “Bill mist je enorm, laatst hadden we een concert, hij ging er al met tegenzin naartoe en het liep echt helemaal fout! Vanavond hebben we weer zo’n concert. Maar hij zit alleen maar op zijn kamer, ik weet niet wat hij aan het doen is, maar hij komt niet meer gezellig beneden met ons samen ontbijten of tv kijken enzo. Hij zit daar maar helemaal alleen. Je was je songtekst hier vergeten, en toen ik hem zag liggen heb ik Bill gelijk gewaarschuwd. Hij is je achterna gegaan, maar je hebt hem laten staan. Hij is er super verdrietig over volgens mij. Later heeft hij een nummer voor jou geschreven, 1000 Meere. Heb je die al gehoord?” “Nee…nog niet.” Wat heb ik Bill aangedaan? Dit was echt niet de bedoeling. “Maar Tom, dat bericht in de BRAVO..” “Dat klopt niet Sas, die Samantha heeft de BRAVO omgekocht om Bill’s worden te verdraaien. Hij vindt haar juist asociaal en arrogant. Al die slechte dingen waren voor haar, de goeie hoorde bij jou. Daarom heeft hij de film afgezegd. De regisseur was echt woedend maar Bill heeft zich er niks van aangetrokken, hij vond jou belangrijker.” “Echt waar?” “Ja. Echt serieus.” “Maar hoe kan ik het dan goed maken?” “Door vanavond naar het concert te komen, ik pik je backstage wel op.” “En Tamara?” “Die mag zelf weten wat ze doet, al weet ik waarschijnlijk wat ze hierop antwoord.” Tom en ik beginnen een beetje te lachen. “Ok, wij zijn er.” “Mooi, dank je! Ik hoop dat jullie allebei hiervan opknappen.” “Ja, ik hoop het ook, niet alleen voor mezelf, maar vooral voor Bill.” “Nou, tot vanavond dan h.” “Ja, en niks tegen Bill zeggen.” “Nee, nee, ik hou mijn mond.” ‘Ok, doei doei.” Ik hang de telefoon op. Wat ben ik stom geweest. Dat bericht was gewoon hartstikke vals. Ik ren naar beneden. “Gelukt?” vraagt Tamara als ik de kamer inkom. “Wacht even, voordat je antwoord geeft…je kijkt weer vrolijk dus dat betekend dat het Tom gelukt is om je over te halen.” “Inderdaad, ga je vanavond mee?” “Natuurlijk! Maar het hele zooitje gaat om jou h. Dus, ik ben er wel, maar je zal amper wat van me merken.” “Jaja, je hangt alleen de hele tijd om Tom heen.” “Nee, nee, ik hang om hem heen, ik hang bij hem ik hang naast hem.” “Hahaha.. dacht ik al.” “Kom, we gaan alvast iets uitzoeken voor vanavond.” “Ok.” En we gaan naar boven.

Deel 29

Eindelijk heeft Tamara iets voor zichzelf gevonden. Ik doe de kleren aan die ik van Bill heb gekregen, ondertussen zijn ze allang in de was gegaan, en zijn ze helemaal droog. “Dat duurde lang voordat je iets had gevonden.” “Ja, ik weet het. Maar ik moet er toch wel een beetje goed uitzien, ook al ben ik onzichtbaar.” “Ja, natuurlijk. Tamara en onzichtbaar gaat niet samen.” We kleden ons aan. Dan gaan we naar het concert toe, Tamara’s moeder brengt ons erheen. “Dank je mam, dat je ons wilt brengen.” “O, graag gedaan hoor schat. Nou veel plezier h. En Sasha, veel succes.” “Bedankt, dat heb ik denk ik wel nodig.” Ik bel naar Tom. “Hoi met Tom.” “Hey Tom, we zijn er.” “Ok, lekker vroeg. Ik kom naar de artiesteningang. Weten jullie waar het is.” “Ja, ik denk wel dat we het vinden, en als we er over een half uur nog niet zijn, dan lopen we vast verkeert.” “Haha…ja, dan komt Bill je redden.” “Nou, dat hoop ik wel, en als hij nog eenzaam in zijn hokje zit sleur jij hem gewoon mee.” “Inderdaad.” “Hoe gaat het nu met hem.” “Hetzelfde als gisteren, en daarvoor, en daarvoor, en daarvoor…” “Niet goed dus.” “Nee.” “Ok, nou, we komen er gauw aan.” “Ok, tot zo dan.” “Ja, doei doei.” We hangen op. “Tom gaat nu ook naar de artiesteningang dus we moeten opschieten.” “Ok, kom mee. Ik weet waar het is.” “Mooi zo.” Nog geen 5 minuten later komen we aan bij de artiesteningang. “Hoi Tom.” “Hoi, ik ben zo blij dat jullie er zijn. Geloof me, ik word gek van mijn broertje.” “Maar wat was nou precies je plan.” “Jullie staan in het publiek, vooraan zodat jullie goed gezien worden door Bill. Vlak voordat we opkomen zeg ik nog tegen hem dat hij eens moet opletten wat voor mensen er in de zaal zijn, je weet wel, voor de lol. Dan stuur ik jou gauw een sms’je dat je heel overdreven moet zwaaien. En dan maar hopen dat hij je ziet. Anders heb ik nog een plan B. Maar die wil ik liever niet doen.” “Hoezo?” “Omdat hij dan nog extra lang sneu blijft en dat heb ik liever niet.” “Aha. Arme Bill, en arme jij, kom we gaan naar binnen.” “Jup.” “Maar wat heb je eigenlijk gezegd tegen Gustav en Georg.” “Die weten wel van het plan af.” “Ok.” Dan komt er een mannetje van de bewaking binnen. “Jullie moeten zo op dus wil jij even iedereen waarschuwen? En er mag geen bezoek hier.” “Eh, meneer, ik heb u toch vanmiddag verteld over twee meiden die hier even zouden komen.” “Oh, dat zijn deze twee. Nou, voor jullie maak ik dan een kleine uitzondering omdat het voor een ‘goed doel’ is. Als je begrijpt wat ik bedoel.” “Ja, ja, dat weten we wel.” “Ok, maar ga de rest maar waarschuwen, dan ga ik er weer vandoor.” “Ok, zal ik doen hoor.” En het bewakingsmannetje gaat er weer weg. “Dus als jullie alvast het publiek ingaan, dan ga ik naar de andere toe.” “Ok, tot zo dan. En we zien elkaar weer na de show toch?” “Ja. Doei!” En Tom rent naar de andere. Wij gaan het publiek in. Als Bill straks het podium op komt staan we vlak voor zijn neus. Ik hoop dat het gaat lukken.

Deel 30

Eindelijk is het zover. Ik zie Bill en Tom praten met elkaar. Tom maakt veel gebaren naar ons toe. Dan voel ik mijn mobiel afgaan, dat betekend dat we nogal uitbundig moeten gaan zwaaien. Bill kijkt, maar merkt ons niet op. Dan begint de show. Nog steeds kijkt Bill over ons heen. Hij probeert wel enthousiast te doen, maar dat gaat veel minder dan normaal. Na een liedje roept Tom naar een van de bewakers. Hij geeft zijn gitaar even aan hem, springt van het podium en pakt mijn hand. Hij helpt me over de dranghekken heen en neemt me mee naar Bill. Bill is heel erg verrast, en gelijk wordt hij een stuk vrolijker. Ik sla mijn armen om hem heen hij slaat zijn armen om mij heen. Tom krijgt zijn gitaar terug. En samen zingen we Spring nicht. Het gaat echt veel en veel beter nu. In de pauze laat hij me niet meer gaan. “Wat was er nou.” Vraagt hij. “Ik wil daar liever niet meer over praten.” “Gelukkig, want dat wil ik ook niet.” “Mooi zo. Wil je nog een Red-Bull?” “Nee, bedankt. Anders sta ik straks op het podium alleen maar in de microfoon te boeren. Ik denk niet dat mensen daarop zitten te wachten.” “Nee, dat denk ik ook niet.” Die avond is iedereen heel erg tevreden over het concert, en Bill zit niet meer alleen in zijn kamer. En als hij in zijn kamer zit, dan zitten we er met zijn tween. Tom en Tamara spreken ook steeds vaker af. En de Samantha van de film? Die probeert de aandacht te trekken van Bill, maar hij negeert haar en richt zich helemaal op de band en op mij. Samen schrijven we allerlei songteksten en we blijven nog hl lang bij elkaar als het aan ons ligt.

Door Simone i.s.m tokio-hotel-verhaal-2.startspot.nl
Hosting en scripting door: MPlay.nl
Er staan 20 links op deze pagina.
Opmerkingen of suggesties?